Boekgegevens
Titel: De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Auteur: Stöckhardt, J.A.; Gunning, Jan Willem
Uitgave: Schoonhoven: S.E. van Nooten, 1855
3de Nederduitsche uitg. van Stöckhardt's Schule der Chemie, bew. door J. W. Gunning
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 649 E 15
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203594
Onderwerp: Scheikunde: scheikunde: algemeen
Trefwoord: Chemie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Vorige scan Volgende scanScanned page
ii-l
Ligte metalen.

gaande bekend , het blijft in de retorte terug bij de bereiding
Fig. 117. van het zoutzuur, wanneer men keukenzout met zwa-
velzuur verhit. In het gewone leven wordt het onder
den naam van glauberzout dikwijls als een geliefd
geneesmiddel ingenomen. Dezen naam heeft het be-
komen van deszelfs ontdekker, den geneesheer glau-
beb.. AVij vinden het ook in vele minerale wateren,
b. v. in het water van Carlsbad en Püllna, en in den
ketelsteen, gelijk bij het keukenzout aangegeven is.
Het is gemakkelijk oplosbaar en heeft eenen roetachtig bitteren
smaak.
Proef. Men legge 1 lood doorschijnend gekristalliseerd glau-
berzout op eene warme plaats neder; het bedekt zich met een wit
beslag en vervalt eindelijk tot poeder: het verweert. Het over-
geblevene poeder weegt nog naauwelijks | lood. Hetgeen verlo-
ren gegaan is, was water; het glauberzout bevat meer dan de
helft van zijn gewigt kristalwater. Men ziet hierbij regt duide-
lijk , hoe dit chemisch gebonden water aan het zout zijnen vorm
en doorschijnendheid geeft, want beide gaan verloren, zoodra het
water door de warmte verdampt is : beide verschijnen echter we-
der, zoodra men het poedervormige watervrije zout in kokend
water oplost en de oplossing bekoelen laat. Koolzure potasch is
een vervloeibaar, chloorsodium een luchtbestendig, glauberzout
een verweerend zout. Zouten, welke verweeren, moeten wel
afgesloten en op eene koele plaats bewaard worden.
Proef. Wordt een glauberzoutkristal op kool voor de blaas-
buis verbit, zoo smelt het weldra; het lost zich in zijn kristal-
water op (watersmelting); vervolgens wordt het droog, wanneer
het water uitgedreven is; eindelijk echter smelt het in de gloei-
hitte ten tweeden male (vuursmelting). Bij zouten, welke geen
kristalwater bevatten, heeft slechts de laatste wijze van smel-
ting plaats.
Proef. In eene kleine kolf verwarme men 1 lood water tot
33® en houde het op deze temperatuur, terwijl men er zoolang
gekristalliseerd glauberzout bijvoegt, als het opgelost -wordt; er
zal zich meer dan 3 lood in oplossen. Verhit men de verza-
digde oplossing sterker, zoo scheiden er zich kristallen van wa*
tervrij zout af; laat men haar bekoelen , zoo scheiden er zieh
waterhoudende kristallen af. Het glauberzout heeft, even als
eenige andere zouten, de eigendommelijkhcid van niet bij het