Boekgegevens
Titel: De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Auteur: Stöckhardt, J.A.; Gunning, Jan Willem
Uitgave: Schoonhoven: S.E. van Nooten, 1855
3de Nederduitsche uitg. van Stöckhardt's Schule der Chemie, bew. door J. W. Gunning
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 649 E 15
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203594
Onderwerp: Scheikunde: scheikunde: algemeen
Trefwoord: Chemie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Vorige scan Volgende scanScanned page
188
Tj'igte metalen.
dan wordt zij veel sterker, en de beide gassoorten banen zich met
zulk een geweld eenen uitweg, dat zij in staat zijn den kogel
voort te slingeren, of den loop van het geweer te doen sprin-
gen. De op het ijzerblik overgebleven massa is zwavelpotassium;
dit wordt van de lucht spoedig vochtig, en riekt dan naar zwa-
velwaterstof (133); het ijzer is zwart geworden, daar het op de
oppervlakte in zwavelijzer vei-anderd is. Hetzelfde geschiedt met
de loopen der geweren.
d) Men menge 20 grein ijzervijlsel met 10 grein salpeter en ver-
rig 110 mengsel in een ijzeren lepel-
tje , waarvan men den steel in eene
kurk steekt; de massa begint helder
te gloeijen, terwijl het ijzer door de
zuurstof van het salpeterzuur geoxy-
deerd wordt en de stikstof ontwijkt.
De overgeblevene potasch kan door
water opgelóst worden. Het salpeter
is derhalve zeer geschikt, om metalen
tot oxyden te oxyderen.
Wordt salpeter met zwavelzuur verhit, zoo ontwijkt het sal-
peterzuur (159).
Dierlijke stoffen Moorden door salpeter voor bederf behoed, men
wendt hetzelve duS bij het inzouten van vleeseh aan.
De bereiding van het salpeter geschiedt op eene geheel eigen-
dommelijke wijze. Men mengt namelijk dierlijke stoffen, vleesch-
en huiddeelen, haar enz. met kalk en aarde , bevochtigt ze met
water of urine en laat ze langzaam verrotten. De dierlijke stof-
fen zijn rijk aan stikstof, die bij de verrotting als ammonia (NH,)
ontwijkt, en welke zich met de zuurstof der lucht tot salpeter-
zuur (cn water) vereenigt, die terstond door den kalk geneutra-
liseerd wordt. Verrotten dierlijke stoffen zonder kalk of eenige
andere sterke basis, zoo ontstaat er geen salpeterzuur, maar
alleen ammonia: de sterke basis is dus het middel, waar-
door de stikstof eene sterkere verwantschap tot de zuurstof ver-
krijgt (146). Ka geëindigde verrotting trekt men de aarde
met water uit en verkrijgt alzoo eene oplossing van salpeter-
zuren kalk, die door koolzure potasch in onoplosbarcn kool-
zuren kalk en oplosbare salpeterzure potasch veranderd wordt.
Men noemt de plaatsen, waar men het salpeter alzoo bereidt,
salpeterhutten. Daarenboven ontvangen wij ook salpeter uit Oost-