Boekgegevens
Titel: De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Auteur: Stöckhardt, J.A.; Gunning, Jan Willem
Uitgave: Schoonhoven: S.E. van Nooten, 1855
3de Nederduitsche uitg. van Stöckhardt's Schule der Chemie, bew. door J. W. Gunning
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 649 E 15
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203594
Onderwerp: Scheikunde: scheikunde: algemeen
Trefwoord: Chemie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Vorige scan Volgende scanScanned page
176 'Zuren.
OVEBZIGT OVEB DE PLANTENZUKEN.
1) De plantenzuren bestaan allen uit koolstof, waterstof en
zuurstof (met uitzondering van het zuringzum-).
2) Zij worden door het levensproces der planten voortgebragt
en in de planten gevonden, of vrij, of met bases verbonden.
3) Wij kunnen dezelve uit hunne elementen niet kunstmatig
zamenstellen zoo als de anorganische zuren.
4) Eenige plantenzuren kan men wel is waar ook door de
kunst namaken, in den regel zijn er echter altijd andere planten-
stoffen daartoe noodig, door wier verandering deze zuren ontstaan.
5) Alle plantenzuren worden door de hitte verkoold en ein-
delijk geheel verbrand (anorganische zuren niet).
6) Geen plantenzuur kan zonder water bestaan. Dit water
speelt hierbij de rol van eene basis.
7) Jegens de bases gedragen zich de plantenzuren even als de
anorganische zuren, zij vormen daarmede zouten.
8) De plantenzure zouten worden insgelijks door de hitte ont-
leed; het zuur verkoolt en verbrandt, terwijl de basis, gemeenlijk
met koolzuur verbonden , overbKjft.
EADIKALEK. VEBZ AHIGIlf GS- C APACITEIT.
199. Het woord radikaal beteekent zooveel als wortel of grond-
slag. Even als men in de spraakkunst de eigenlijke kern van
een woord zijn woriel noemt, zoo gebruikt men in de scheikunde
het woord radikaal, om die stof aan te duiden, die men in eene
chemische verbinding als het voornaamste, als het grondbestand-
deel beschouwt. De niet-metalen worden door zuurstof, eenigen
ook door waterstof tot zuren gemaakt, men beschouwt ze als
de grondslagen der zuren en kan ze in dezen zin zuurradikalen
noemen. — Zwavel is diensvolgens het radikaal van het zwavel-
zuur , koolstof het radikaal van het koolzuur, chloor het radi-
kaal van het chloorzuur, zoo ook van het zoutzuur enz. Bij de
plantenzuren, welke uit drie elementen, koolstof, waterstof en
zuurstof zijn zamengesteld , kan men aannemen, of dat het de
zuurstof is, die de zuren maakt, en dan wordt de koolstof en
waterstof voor het zuurradikaal gehouden; of men kan ook de
waterstof als de zuurmakende stof beschouwen, en dan zouden
de koolstof en zuurstof het radikaal zijn. In het eene zoowel als
in het andere geval zoude het radikaal uit twee elementen bestaan;