Boekgegevens
Titel: De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Auteur: Stöckhardt, J.A.; Gunning, Jan Willem
Uitgave: Schoonhoven: S.E. van Nooten, 1855
3de Nederduitsche uitg. van Stöckhardt's Schule der Chemie, bew. door J. W. Gunning
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 649 E 15
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203594
Onderwerp: Scheikunde: scheikunde: algemeen
Trefwoord: Chemie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Vorige scan Volgende scanScanned page
Cyan en. Katerstof, llaauwzuur. 165
zoo gevaarlijk ligchaam mag slechts door geoefende handen wor-
den bereid. Het blaauwzuur kan zich onder zekere omstandig-
heden in geringe hoeveellieid ook in vele zaden vormen, vooral
in de bittere amandelen en in de pitten van steenvruchten b. v.
pruimen, abrikozen enz.
Met bases verbindt zich het blaauwzuur tot water en cjan-
metalen (cyanuren en cyaniden) of, wat hetzelfde is, tot blaauw-
zure zouten. Van deze zijn vooral bekend het gele cyauijzerpo-
tassium en het blaauwe cyanijzer (Bcrlijnseh blaauw).
OVEEZIGT OVER DE WATEESTOFZURES.
1) De haloïdcn of halogenen : chlorium, bromium, iodium,
fluorium en cyan vormen niet slechts met de zuurstof, maar ook
met de waterstof zuren.
2) De halogenen hebben veel meer verwantschap tot de wa-
terstof dan tot de zuurstof, zij verbinden zich derhalve, wan-
neer zij de keus hebben, altijd met de eerste. Hieruit ver-
klaart men ook, waarom de waterstofzuren sterker en moeijelijker
te ontleden zijn dan de daarmede overeenkomende zuurstofzuren.
3) De waterstof verbindt zich met de halogenen slechts in ééne
verhouding, er bestaat dus van elk dcrzelve slechts een enkel
waterstofzuur.
4) De waterstofzuren hebben allen eene gelijke zamenstelling;
zij bestaan altijd uit gelijke aequivalenten van het halogeen en
de waterstof.
5) Met de metalen verbinden zich de waterstofzuren tot chloor-
metalen , bromiummetalen enz., terwijl de waterstof ontwijkt.
6) Deze verbindingen der haloïdcn met de metalen hebben
geheel de eigenschappen van zouten, men ^noemt ze daarom ha-
loïdezouten.
7) Met de bases of metaaloxyden verbinden zich de waterstof-
zuren tot haloïdezouten en water.
8) Is er water bij de haloïdezouten aanwezig, zoo kan men
ze ook beschouwen als verbindingen van waterstofzuren met bases ,
als waterstofzure zouten, geheel zoo als men de zuurstofzouten
beschouwt als verbindingen van zuui-stofzuren met bases.
9) Vele metalen kunnen zich met de haloïdcn in meerdere ,
gewoonlijk in twee verhoudingen verbinden , met meer (chloriden ,
bromiden enz.) en met minder (chloruren, bromuren enz.) ; de