Boekgegevens
Titel: De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Auteur: Stöckhardt, J.A.; Gunning, Jan Willem
Uitgave: Schoonhoven: S.E. van Nooten, 1855
3de Nederduitsche uitg. van Stöckhardt's Schule der Chemie, bew. door J. W. Gunning
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 649 E 15
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203594
Onderwerp: Scheikunde: scheikunde: algemeen
Trefwoord: Chemie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Vorige scan Volgende scanScanned page
IGO Zm-en.
leiden. Men noemt zoodanige flesschen, die gewoonlijk 2 of 3
openingen hebben , Woulf'sche flesschen. De regte buis in den
middelsten hals dient als veilighcidsbuis, zij verhindert het terug-
stijgen der vloeistoffen. Ontstaat er eene verijlde ruimte in de
flesch , zoo komt door deze buis lucht naar binnen.
Het keukenzout bestaat, zoo als reeds bekend is, uit chloor en
sodium; komt hierbij water, zoo neemt het chloor de waterstof,
het sodium de zuurstof daarvan tot zich , en er ontstaat ehloor-
waterstofzuur sodium-oxjde. Dit wordt door het sterkere zwa-
velzuur ontleed, dat zich met de basis verbindt en het ehloor-
. waterstofzuur uitdrijft. Dezwa-
I vclzure soda blijft als een wit
zout terug: daaruit vervaar-
j vlugtig digt men de belangrijke kool-
zure soda.
De bestanddeelen van het gasvormige zoutzuur zijn chloor en
waterstof tot gelijke aequivalenten , het wordt alzoo met H Cl
beteekend.
Vult men een glas half met chloor en half met waterstof en
zet men het op eene donkere plaats, zoo volgt er geene vereeni-
ging, doch deze geschiedt oogenblilvkelijk , wanneer het glas door
de zon beselicnen wordt. De verbinding gaat van eene sterke
ontploffing vergezeld, die dikwijls het glas verbrijzelt, het is dus
niet raadzaam deze proef in het werk te stellen. Zij toont ech-
ter aan , dat ook het licht vele ligchamen aanspoort, zich che-
misch met elkander te verbinden.
186. Fronen met zoutzuur.
a) Proef. Men giete op eenige ijzeren spijkers in een klein
glaasje eenig zoutzuur; er ontstaat eene sterke opbruising, en
als deze eenige minuten geduurd heeft, houde men een bran-
denden zwavelstok boven het glas; het ontwijkende gas brandt,
het is waterstof. Het zoutzuur wordt ontleed , zijn tweede be-
standdeel, het chloor, verbindt zich met het ijzer. Het ijzer ver-
dwijnt , het wordt opgelost , d. i. vereenigt zich met het chloor
en deze verbinding is oplosbaar. Wanneer het opbruisen ophoudt,
verwarmt men het glas door heet water en giet daarna den inhoud
op een filtrum van wit vloeipapier. Het doorgezegen vocht wordt
op eene koele plaats gezet; er zet zich -een zout in groene kris-
tallen uit af, dat ijzerchlomre (Pp Cl), d. i. ijzer met weinig
chloor , genoemd wordt.
iHSWÄ