Boekgegevens
Titel: De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Auteur: Stöckhardt, J.A.; Gunning, Jan Willem
Uitgave: Schoonhoven: S.E. van Nooten, 1855
3de Nederduitsche uitg. van Stöckhardt's Schule der Chemie, bew. door J. W. Gunning
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 649 E 15
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203594
Onderwerp: Scheikunde: scheikunde: algemeen
Trefwoord: Chemie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Vorige scan Volgende scanScanned page
j 156 Zuren.
de aarde niet 'genoeg kiezelzuur aanwezig, zoo ontbreekt aan dc
halm deze eigenschap en hij buigt en valt om. In het schuur-
bies is zooveel kiezelaarde voorhanden, dat men het tot het
gladschuren van hout kan gebruiken, evenzoo in vele andere
grassoorten, die men op het land algemeen tot het poetsen van
glas en metaal aanwendt. Zelfs in het dierenrijk treft men kie-
zelzuur aan/namelijk in de klassen van kleine diertjes, die men
sleclits door het vergrootglas kan erkennen, de omhulsels van
vele afgietseldiertjes bestaan uit kiezelzuur.
Meer volkomen kan men de verbinding van het kiezelzuur met
de bases door smelting voortbrengen; de meesten der aldus ver-
kregene kiezelzure zouten zijn amorph, men noemt ze glassoor-
' ten. Het kiezelzuur heeft in dit opzigt de meeste overeenkomst
met het boriumzuur, waarop het ook daarin gelijkt, dat het,
'i' ofschoon op den natten weg een zeer zwak zuur, toch in de
hitte, wegens zijne vuurbestendigheid, alle andere zuren in
V sterkte overtreft. Op zich zelf alleen kan het kiezelzuur slechts
J door de hitte vloeibaar gemaakt worden, die door de knalgas-
vlam wordt voortgebragt.
OVERZIGT OVER DE ZTJUESTOrZUUEN.
1) Dc meeste verbindingen van de metalloïden of niet-metalen
met zuurstof zijn zuren (zure oxyden).
2) De meeste verbindingen van de metalen met zuurstof zijn
bases (basische oxyden).
3) De zuren kleuren het blaauwe lakmoespapier rood , de bases
I het roode blaauw (wanneer zij oplosbaar zijn).
4) De zuren hebben een zuren smaak, de bases een loogach-
tigcn of basisehen (wanneer zij oplosbaar zijn).
5) Wanneer zuren cn bases zieh met elkander verbinden, zoo
verdwijnen zoowel dc zure als de basische eigenschappen (neu.
tralisatie), er ontstaan nieuwe ligchamen, zouten, die zoutach-
tig smaken, wanneer zij in water oplosbaar zijn , daarentegen
geen' smaak hebben, wanneer zij niet in water kunnen opgelost
worden.
G) Het hoofdkenteeken der zuren is , dat zij zich met bases
tot zouten kunnen verbinden; men beschouwt dus alle ligchamen
als zuren , die dit vermogen bezitten, zelfs wanneer zij niet zuur
smaken, of niet zuur reageren. Hetzelfde geldt ook van de bases.