Boekgegevens
Titel: De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Auteur: Stöckhardt, J.A.; Gunning, Jan Willem
Uitgave: Schoonhoven: S.E. van Nooten, 1855
3de Nederduitsche uitg. van Stöckhardt's Schule der Chemie, bew. door J. W. Gunning
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 649 E 15
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203594
Onderwerp: Scheikunde: scheikunde: algemeen
Trefwoord: Chemie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De scheikunde van het onbewerktuigde en bewerktuigde rijk: bevattelijk voorgesteld en met eenvoudige proeven opgehelderd
Vorige scan Volgende scanScanned page
104
Nicl-meialen of metalldiden.
voeren. Een doek met wat wijngeest bevochtigd cn voor den mond
gehouden is evenzeer een goed behoedmiddel.
Zwavelwaterstof kleurt blaauw lakmoespapier rood, en kan zich
ook met vele bases verbinden; het behoort dus tot de zuren. Men
noemt het ook dikwijls, volgens de twee Grieksehe namen voor
water (hydro-) en zwavel (thion) hydrothionzuur. De eigenschap,
andere ligehamen zuur te maken, komt derhalve niet alleen aan
de zuurstof, maar ook aan de waterstof toe; deze laatste kan dit
echter slechts bij eenige weinige elementen, de zuurstof bij zeer vele.
133. Proeven met zwavelwaterstofwater.
a) Men giete eenige drappels zwavelwaterstofwater op eene
blanke zilveren of koperen munt, en op een stuk lood of ijzer; de
eerste drie metalen worden schielijk aange-
daan en zwart van kleur; zij verbinden zich
namelijk met de zwavel tot donkere zwa-
velmetalen, terwijl de waterstof ontwijkt.
P b is het teeken" voor lood, plumbum.
b) Men werpe in een reageerbuisje eenig loodglit, in een ander
eenig eegloeid ijzerroest en giete er zwavelwaterstofwater op; het
gele loodglit (loodoxyde) wordt ter-
stond zwart; er heeft omruiling vau
bestauddeelen plaats, de zwavelwater-
stof geeft hare zwavel aan het lood
van het loodoxyde en ontvangt daar-
-

voor de zuurstof van dit laatste. Er ontstaat daardoor zwavellood
en water en de onaangename lucht verdwijnt spoedig. In het
glaasje met ijzerroest verandert noch de kleur noch de reuk, ecu
bewijs, dat er geene chemische verandering plaats grijpt.
c) Men herhale dezelfde proef, men neemt echter in de plaats
van het loodglit een stukje loodsuiker, in de plaats van het ijzer-
roest een weinig ijzervitriool, welke twee
zouten eerst elk voor zich in eene kan
water opgelost worden; de uitslag is
dezelfde als in de vorige proef. Lood-
suiker is azijnzuur loodoxyde, het lood-
oxyde wordt ook bij deze groote ver-
deeling in het water in zwavellood veranderd, en valt naderhand
als een zwart nederplofsel op den bodem. Bij eene zeer sterke
verdunning wordt do vloeistof slechts bruin gekleurd. Het azijnzu\ir
wordt vrij cn blijft in het vocht.
------
Pb'07— --rr::^ -HO