Boekgegevens
Titel: De methode van teekenonderwijs van de Gebr. F. en A. Dupuis, en hare invoering in het Koninklijk Athenaeum te Maastricht
Auteur: Steyn Parvé, Daniel Jan; Klöden
Uitgave: Leyden: D. du Mortier en Zoon, 1852
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Br. U b 11
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203572
Onderwerp: Afzonderlijke kunstvormen: tekenkunst: algemeen
Trefwoord: Tekenen, Vakdidactiek
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De methode van teekenonderwijs van de Gebr. F. en A. Dupuis, en hare invoering in het Koninklijk Athenaeum te Maastricht
Vorige scan Volgende scanScanned page
28
sraivak te vormen, en met liet oog hierop moeten de mo-
dellen gekozen worden.
Het aantal modellen, door Dupuis gebruikt, bedraagt
60. Zü bestaan uit twee afdeelingen. De 30 eerste
zijn eenvoudig en voor eerstbeginnenden bestemd; de 30
laatste zijn meer zamengesteld en smaakvoller, en vor-
deren zeer geoefende leerlingen. Zij bestaan uit de en-
kele meander - kronkeling, de vijfhoekige ster, de zeven-
hoekige ster, een' achthoek, de enkele en zamengestelde
palmet, de dubbele volute of krul, de slangentongen, de
spiraal, de eijerstaaf en vele andere ornamenten. De
teekenmethode is dezelfde als vroeger.
Het modelleren, of loetseren in klei, maakt het einde
van dit onderwijs uit. De leerling moet thans datgene,
wat liij ziet, ook zelf praktisch leeren voorstellen, en
het voorafgaande teekenen is daartoe de beste voorberei-
ding. Wie goed met de teekenpen weet om te gaan,
zal ook ligt het boetseerhout leeren hanteren, en de on-
dervinding geeft hiervan de bevestiging. Eene bijzondere
methode schijnt hierin bij Dupuis niet gevolgd te worden.
3.) Het landschapteekenen.
Omtrent de behandeling van deze afdeeling bezitten
wij slechts onvolledige inlichtingen, en weten alleen dat
gebruik wordt gemaakt van eene verzameling van model-
len, die uit 12 nummers bestaat. Zij zijn: 1) een vier-
kant paviljoen. 2) Een huis met uitgewerkte details. 3)
Een boerenhuis. 4) Een slottoren. 5) Een fabriekge-
bouw. 6) Een kiosk. 7) Eene brug. 8) Eene gotliische
dorpskerk. 9) Een vierhoekige toren met hoektorentjes.
10) Een hollandsche windmolen. 11) Eene herdershut.
12) Een slot met drie torens. — Zij hebben ccnc hoogte