Boekgegevens
Titel: De vrijheid van onderwijs, het schrikbeeld dezer dagen: een wenk voor allen die het wel met het vaderland meenen
Auteur: Hoeven, A. van der
Uitgave: Amsterdam: J.M.E. Meijer, 1848
[S.l.]: M.J. Portielje
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Br. M a 21
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203532
Onderwerp: Recht: bestuursrecht: overige
Trefwoord: Vrijheid van onderwijs, Nederland
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De vrijheid van onderwijs, het schrikbeeld dezer dagen: een wenk voor allen die het wel met het vaderland meenen
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 6 —
schappij uitloopen. Kuusten en wetenschappen moeten
door haar bloeijen; de handel en nijverheid moeten
door haar steeds in veerkracht toenemen, en het al-
gemeene welzijn moet zich door haar in individuëele
welvaart oplossen. Maar wanneer slechts een woord,
eene leus de prikkel van 's menschen streven is; wan-
neer slechts dat woord, hoe liefelijk en schoonklinkend
ook, den ijver doet ontbranden; wanneer men zich
meer aan den inhoud dan aan den omvang van die
leus houdt, dan loopt de mensch groot gevaar, den
schijn voor het wezen te erlangen en eenen afgrond
te naderen, dien hij juist had willen vermijden. Een
volk, eene maatschappij, een mensch moet het eerst
over den omvang eener leus eens zijn, alvorens men
die zich toeeigent; men moet met die leus juist weten
wat men wil, en dat willen moet op het gevoel voor
waarheid, deugd en regt gegrond wezen.
De leus die thans geheel Europa in beweging
brengt is: vrijheid. Voorwaar de volksberoeringen,
die wij thans beleven, kunnen eenig in hare soort ge-
noemd worden, niet alleen om -hare algemeenheid,
maar ook om het vreemde begrip dat duizenden aan
de vrijheid hechten. Vrijheid, gelijkheid en boeder-^
schap was het magtwoord van het Fransche schrikbe-
wind der vorige eeuw; ook thans weergalmt Europa
er van. Toenmaals wilde men ze koopen ten koste
van de slagtoflers der guillotine; nu vernist men ze
met den glimp van eendragt en vrede, om ze dus
meer aannemelijk te maken. Maar misschien begrijpt
men veelal thans deze leus evenmin als toen; althans
bij hen, die in het Communismus de ware bron van
volksgeluk wanen te vinden. Eene maatschappij kan