Boekgegevens
Titel: De vrijheid van onderwijs, het schrikbeeld dezer dagen: een wenk voor allen die het wel met het vaderland meenen
Auteur: Hoeven, A. van der
Uitgave: Amsterdam: J.M.E. Meijer, 1848
[S.l.]: M.J. Portielje
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Br. M a 21
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203532
Onderwerp: Recht: bestuursrecht: overige
Trefwoord: Vrijheid van onderwijs, Nederland
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De vrijheid van onderwijs, het schrikbeeld dezer dagen: een wenk voor allen die het wel met het vaderland meenen
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 15 —
kan het volk welvaart en geluk genieten, en alles
wat bijgevolg strekt om deze te bevorderen is ?en uit-
vloeisel van den volkswil, En nu vragen wij met
vertrouwen : Is het dan wezentlijk de volkswil, dat
het onderwijs vrij worde? Het antwoord kan niet
anders dan ontkennend zijn, zoolang het niet bewezen
kan worden, dat die vrijheid heilzaam werken zal op
de beschaving en den broederlijken geest der natie.
Dit heeft de Commissie ter redactie eener nieuwe grond-
wet niet ingezien, en, ondanks hare goede bedoelingen
is het apodictisch waar, dat zij gedwaald heeft, en in
Art. 183 niet de stem des volks heeft wedergegeven;
want de zaak is zoo eenvoudig en natuui'lijk, dat
alleen de eenzijdige beschouwer het anders kan wil-
len of de kwalijkgezinde er drogredenen tegen kan
inbrengen. Daarom is het ook, dat wij met grond
durven vertrouwen, dat de reine volkswil te dezen
opzigte door ruime petitiën aan de Regering zal ken-
baar gemaakt worden, en dat zij alle eenzijdige be-
schouwing of kwalijkgezindheid over deze hoogst ge-
wigtige zaak zal doorgronden.
Eindelijk is er» nog eene magtspreuk, die ons de
voorstanders van de vrijheid van onderwijs tegenwerpen.
In eenen staat, zeggen zij, waar alle burgers gelijke
regten genieten, mag geen geprivilegieerde stand zijn,
en de onderwijzersstand mag niet in het bezit van een
monopolie wezen; ieder die aan de bepalingen in de
concept-grondwet voldoet, mag vrijelijk eene school
oprigten. — Zoo moet dan de zaak van het onderwijs
met eene zaak van koophandel, met het fabriekwezen
gelijk gesteld worden. Welaan, hebt dan vrijheid van
onderwijs, en de scholen zullen in regelmatige fabriek-