Boekgegevens
Titel: Orpheus onder de jeugd, of gezangen, oefeningen en spelen, ten dienste van kinder-bewaarscholen en huisgezinnen: zijnde tevens eene uitgelezene verzameling van eenvoudige en gemakkelijke melodijen op cijfers; voorafgegaan door eene korte verklaring van het zingen naar cijfers
Auteur: Kingma, Fokke Yntes
Uitgave: Leeuwarden, Nijkerk, Amersfoort en Dordrecht: P. Burggraaff, I.J. Malga, W.L. Okhuijzen en H. Lagerweij, 1843
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-364
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203515
Onderwerp: Theaterwetenschap, muziekwetenschap: vocale muziek
Trefwoord: Muziekwerken (vorm), Kindergedichten (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Orpheus onder de jeugd, of gezangen, oefeningen en spelen, ten dienste van kinder-bewaarscholen en huisgezinnen: zijnde tevens eene uitgelezene verzameling van eenvoudige en gemakkelijke melodijen op cijfers; voorafgegaan door eene korte verklaring van het zingen naar cijfers
Vorige scan Volgende scanScanned page
KOUTÊ VERKLARING VAN HET ZINGEN
NAAR CIJFERS.
I:i deze veiklanng wil ik den volgenden gang in.
ict oog houden.
I, De moeijelijkheden van het zingen uit onderschei-
dene groudtoonen en naar verschillende sleutels
aanwijzen.
IL Deze moeijelijkheden door eene gepaster keuze van
teekens uit den weg ruimen; het verband aantoo-
nen, hetwelk tusschen de getalmerken en de too-
nen eener schaal bestaat, en de gepastheid van
het zingen naar cijfers voor de lagere scholen
daaruit afleiden.
IIL Onderscheidene toonvormen door cijfers ultdrukkeli.
L Om de moeijelijkheden van het. zingen uit onder-
scheidene groadtoonen en naar verschillende sleutels, cn
iftgeen daanut voortvloeit, aan te toonen, kan ik niet
)eler doen, dan ccn gedeelte van het tafereel voor tc
stellen, dat den Heer Natoup ons in zijne aanleidin;^
'ot Itd onderwijs in het zingen daarvan geeft.
Mij toch 13 een man, die, als onderwijzer in de zang-
:uiulc , bij OüG'r.oowel als bij zijne landgenoclen veel ge-
;ag verworven heeft, zoo dat het dwaüs z^ude ziju^ aau
ii