Boekgegevens
Titel: Kleio: verhalen en schetsen
Deel: Dl. 2 Geschiedenis der Middeleeuwen
Auteur: Kollewijn, A.M.
Uitgave: Amersfoort: A.M. Slothouwer, 1880
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: F 337
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203496
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kleio: verhalen en schetsen
Vorige scan Volgende scanScanned page
79
in zijn vermogen was beschermde hij ook de Christengeeste-
lijken. Onder den buit, die verdeeld moest worden, bevond
zich een uit eene kerk geroofde kostbare beker. De bisschop
liet Clovis verzoeken, hem terug te mogen hebben. Toen nu
de buitgemaakte goederen te Soissons verdeeld zouden worden,
verzocht Clovis, dat hem boven zijn aandeel die beker zou
worden toegewezen om hem aan zijne bestemming terug te
geven. Toen eenigen zich genegen toonden, dit verzoek toe
te staan, trad een Frank te voorschijn, zeggende : //Gij hebt
hier niets te vorderen, dan wat het lot u toewijst," en on-
middellijk daarop sloeg hij met zijn strijdbijl den beker ineen.
Clovis kon daar voor het oogenblik niets tegen doen, maar
liet weldra merken, welk lot dengene wachtte, die hem
weerstreefde. Niet lang daarna riep Clovis zijne strijders op
het Maartveld, de plaats, waar de volksvergaderingen werden
gehouden, bijeen, om den glans hunner wapenen te doen
schijnen. Hij ging de gelederen langs, en toen hij bij den
Frank was gekomen, die hem den beker had geweigerd,
berispte hij hem wegens zijne slechte wapenen, nam hem de
strijdbijl uit de hand, bezag haar en wierp haar verachtelijk
op den grond. Toen de Frank bukte om haar op terapen,
bracht Clovis hem met zijne eigene strijdbijl zulk een houw op
het hoofd toe, dat de ongelukkige dood ter aarde stortte. Hier
had Clovis overeenkomstig zijn recht als aanvoerder gehandeld.
Clovis trad in den echt met Clotilde, de nicht van Gun-
dobald, den koning der Bourgondiërs, die, met uitzondering
van de zeekust, het gebied van Ehone en Saone bewoonden.
Clotilde was eene ChÄstin en behoorde tot de Katholieke kerk.
Hare pogingen, om Clovis tot het Christendom te bekeeren,
mislukten aanvankelijk, doch zij wist zijne toestemming te
verkrijgen om hun eerstgeboren zoon als Christen te doen
doopen. Toen het kind spoedig na den doop stierf, meenden
de Franken , dat hunne goden, vertoornd dat het kind aan
den God der Christenen was gewijd, dit ongeval hadden ver-
oorzaakt. Toch stond Clovis toe, dat Clotilde ook hun