Boekgegevens
Titel: Kleio: verhalen en schetsen
Deel: Dl. 2 Geschiedenis der Middeleeuwen
Auteur: Kollewijn, A.M.
Uitgave: Amersfoort: A.M. Slothouwer, 1880
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: F 337
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203496
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kleio: verhalen en schetsen
Vorige scan Volgende scanScanned page
nam er drie bij zich. Hij legde met één ervan aan en trof
den appel juist in het midden, zoodat de beide stukken met
den pijl op den grond vielen. Koning Nidung en allen, die
tegenwoordig waren, bewonderden dit meesterschot. De roem
van Cigil blonk boven dien van alle mannen uit, en sedert
werd hij Cigil de Schutter genoemd. De koning vraagde
Cigil, waarom hij drie pijlen had genomen, daar het hem
toch slechts vergund was één schot te doen. Cigil antwoordde:
//Heer, ik wil tegen u niet liegen; wanneer ik mijn zoontje
met den eenen pijl had getroffen, waren de- beide andere
voor uwe borst bestemd geweest." Dit antwoord werd door
den koning goed opgenomen, en alle aanwezigen verklaarden,
dat Cigil wakker had gesproken. Eeuwen later is deze sage
in Zwitserland verwerkt tot die van Willem Teil.
Langen tijd hadden de azen gelukkig geleefd, toen een
hunner, Balder, de zonnegod, droomde, dat zijn leven in ge-
vaar verkeerde. De azen hielden daarop eene vergadering en
besloten, hem tegen alle gevaar te beveiligen. Erigg liet nu het
vuur, het water, alle inetalen, steenen, boomen, vergiften en alle
dieren zweren, dat zij Balder zouden sparen. Toen dit geschied
was, vermaakten de azen zich met Balder, Zij schaarden zich om
hem heen: de een schoot, de ander hieuw, een derde wierp
naar hem, doch hij bleef ongedeerd. De booze Loki werd
vervuld van spijt, toen hij bemerkte, dat de goede Balder
onkwetsbaar was. Hij ging daarom in de gedaante eener oude
vrouw naar Fensal, het paleis van Erigg. Deze vraagde haar,
of zij wist, waarmede de azen zich bezighielden, waarop de
oude vrouw antwoordde: //zij schoten, wierpen en sloegen naar
Balder, doch konden hem niet treffen." Erigg zeide: //Niets
kan Balder schaden, ik heb alles laten zweren." //Hebben
alle dingen," vraagde de oude vrouw, //gezworen Balder geen
leed te doen?" //Ten Oosten van Walhalla," antwoordde
Erigg, //groeit een struik, Mistiltein, die scheen mij te jong
om een eed af te leggen." Hierop vertrok de vrouw. Loki
trok nu Mistiltein uit den grond en begaf er zich mede naar