Boekgegevens
Titel: Kleio: verhalen en schetsen
Deel: Dl. 2 Geschiedenis der Middeleeuwen
Auteur: Kollewijn, A.M.
Uitgave: Amersfoort: A.M. Slothouwer, 1880
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: F 337
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203496
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kleio: verhalen en schetsen
Vorige scan Volgende scanScanned page
.520
Indië tot de stichting van het rijk
van den Groot-Mogol.
Nadat Perzië en Afghanistan de leer van Mohammed had-
den aangenomen , trachtten de chaliefen van Damaskus den
Islam ook in Indië uit te breiden. Zij brachten het echter
niet verder, dan dat zij den Indischen radjas (vorsten) schat-
ting oplegden , dewijl de Hindoes de leer van Mohammed
niet wilden aannemen. Omstreeks het jaar 1000 werd Ghaznï,
een klein gebied in Kaboel, geregeerd door sultan Mähmoed,
een Turk. Hij veroverde Perzië en besloot daarna zich van
Indië meester te maken. De vorsten van Pendsjab en Eadjpoe-
täna trokken met een leger van voetvolk en olifanten tegen
hem op naar de vlakte van Pesjauwer, waar Mähmoed hen
met zijne Turksche ruiters en boogschutters aantrof. De
strijd werd geopend door de boogschutters, die op de oogen
der olifanten, welke vóór het Indische voetvolk opgesteld
waren , mikten , maar te gelijkertijd wist een woest bergvolk,
de Gakkars, achter de boogschutters te sluipen en met scherpe
messen de Turksche ruiters te bestoken. Verblind en door
brandpijlen dol gemaakt, keerden de olifanten zich om en
brachten het Indische voetvolk in verwarring. Op dit oogen-
blik vielen de Turksche ruiters met hunne zwaarden en knot-
sen aan, en weldra had Mahmoed eene luisterrijke overwin-
ning behaald. Hij lijfde Pendsjab bij het rijk van Ghaznï
in. Op zijn ouden dag besloot Mähmoed, als ijverig Moham-
medaan, den beroemden Brahmaanschen tempel van Somnath,
aan de zuidkust van het schiereiland Guzerat, te vernielen.
In dien tempel bevond zich een hoog vereerde pilaar, het
zinnebeeld van den oppersten geest, Siwa of Mahadëva ge-
heeten. Duizend Brahmanen woonden te Somnath om de
dagelijksche offers te brengen, en vijfhonderd meisjes waren
aan den tempel verbonden om ter eere van den pilaar te
dansen. De tempel stond op een klein schiereiland, en kon