Boekgegevens
Titel: Kleio: verhalen en schetsen
Deel: Dl. 2 Geschiedenis der Middeleeuwen
Auteur: Kollewijn, A.M.
Uitgave: Amersfoort: A.M. Slothouwer, 1880
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: F 337
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203496
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kleio: verhalen en schetsen
Vorige scan Volgende scanScanned page
.510
dewijl zij niet machtig genoeg waren om hen te onderwerpen,
riepen zij de hulp der naburige vorsten in. De aanvoerders
van de door dezen gezonden troepen dachten er niet aan, voor
zich zeiven veroveringen te maken: zij streden voor het ge-
loof en de Orde.
Terwijl nu de Duitsche orde in het Westen van Pruisen
veroveringen maakte, werd dit land ook van het Oosten be-
dreigd. Nadat het door Duitschers bevolkte stadje Wisby op
het eiland Gothland het middelpunt was geworden van den
handel tusschen Duitschland en Rusland, hadden zich van
daar Duitsche koloniën gevestigd in Nowgörod en langs de
Dunaoevers in Lijfland. Bisschop Albrecht, vroeger domheer
te Bremen, had het Christendom in Lijfland uitgebreid en
om het te beschermen, alsmede om de heidensche Pruisen
te bestrijden, de orde der Zwaardbroeders gesticht. De
ridders dezer orde werden aldus genoemd, omdat de witte
mantels, die zij droegen, met een rood kruis en zwaard ver-
sierd waren. Daar echter de Zwaardbroeders niet gelukkig
streden tegen de Pruisen, verzochten zij bij de Duitsche orde
te worden ingelijfd. Dit verzoek werd afgeslagen, doch de
Duitsche ridders verleenden hunne ondersteuning aan de
Zwaardorde op voorwaarde, dat zij in het bezit zouden blijven
van het te veroveren land. Langs de Pruisische Oostzeekust
genoot de Duitsche orde den steun van de vloten der Duit-
sche kooplieden. Na een strijd van ruim zestig jaren bleef
den Pruisen niet anders over dan de keuze Christenen te
worden of het land te verlaten. Velen sloten zich aan bij de
nog heidensche Litthauers, anderen , en daaronder van de
voornaamste geslachten, de Withingen, onderwierpen zich aan
den paus en aan de Duitsche orde. De hoogmeester Siegfried
Van Feuchtwangeu verplaatste daarop zijn zetel van Venetië
naar Marïënburg.
Het land der Orde ontving nu een groot aantal Duitsche
volkplanters, die terstond de hand aan 't werk sloegen om
den grond tegen de verwoestende natuurkrachten te beveili-