Boekgegevens
Titel: Kleio: verhalen en schetsen
Deel: Dl. 2 Geschiedenis der Middeleeuwen
Auteur: Kollewijn, A.M.
Uitgave: Amersfoort: A.M. Slothouwer, 1880
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: F 337
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203496
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kleio: verhalen en schetsen
Vorige scan Volgende scanScanned page
.505
die de Litthauwsche taal machtig waren, trok hij zelf met
Christenzendelingen door het land om hen als tolk te dienen,
en te beschermen, wanneer zij door het vernielen der afgods-
beelden de ontevredenheid des volks opwekten.
De staatkundige en maatschappelijke toestanden in Polen
, verschilden zeer van die der overige staten in West-Europa.
Ofschoon de adellijke broederschappen en hare leden oorspron-
kelijk gelijke rechten hadden, ontstond er langzamerhand
verschil in stand bij de edelen. Daar het grondbezit erfelijk,
deelbaar en, bij onderling goedvinden van de leden eener
adellijke broederschap, verkoopbaar was, kreeg allengs de
eene edelman een zeer uitgestrekt landgoed, terwijl de andere
slechts eene enkele hoeve of zelfs niets bezat. Deze toestand
werd in de hand gewerkt door mildheid, verkwisting, de aan
het krijgsmansleven eigene afkeer om zich voor goed ergens
te vestigen en plotselinge geldelijke verlegenheid. Ofschoon
allen, die hetzelfde wapen voerden, elkander broeder noem-
den , was er dikwijls één onder, die door zijn grooter grond-
bezit als het hoofd werd beschouwd, en deze hoofden of ba-
ronnen , die steeds op de hulp hunner broeders konden reke-
nen , wisten zich sedert het midden der XIV<le eeuw van de
gewichtigste betrekkingen aan het hof, in den staatsdienst
en in de kerk meester te maken. Die hoogere edelen be-
kleedden ook de betrekking van bijzitters in de gerechtshoven;
somtijds zelfs vervingen zij den koning als rechter. Kasimir
de Groote had nog de gewoonte jaarlijks door de provinciën
te reizen om een gerechtsdag te houden, en bij die gele-
genheid kwam hij dan samen met eenige hooge edelen uit
het gewest, waar hij zich bevond. Niet zelden gelukte het
hun , hem dan eenig besluit af te dwingen, daar het gevolg
van krijgslieden, waardoor de koninklijke macht zich moest
doen gelden , van hen afhankelijk was. De koning gebruikte
die gerechtsdagen of colloquia om het over staatkundige
maatregelen eens te worden met het toongevend deel der na-
tie , en zoo veranderden mettertijd die gerechtsdagen in eene