Boekgegevens
Titel: Kleio: verhalen en schetsen
Deel: Dl. 2 Geschiedenis der Middeleeuwen
Auteur: Kollewijn, A.M.
Uitgave: Amersfoort: A.M. Slothouwer, 1880
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: F 337
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203496
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kleio: verhalen en schetsen
Vorige scan Volgende scanScanned page
.497
en wiens moeder de zuster was van den laatsten koning uit
het huis van Arpad. Het gelukte Andreas zich als koning
te handhaven, maar toen hij kinderloos overleden was, wist
Karei Robert, de zoon van Karei Martel, zich na een strijd
van acht jaren in 1309 van den Hongaarschen troon meester
te maken. Hij huwde met Elizabeth, de zuster van den
Poolschen koning Kasimir den Grooten, en deze schonk hem
twee zonen, van welke de oudste, Lodewijk, die den bijnaam
van Grooten heeft verworven, hem als koning van Hongarije
opvolgde (1342).
Door een gelukkig gevoerden oorlog dwong hij Venetië,
hem Dalmatië af te staan en een jaargeld te betalen. Eene
ondoordachte uitdrukking van Karei IV bracht hem met
dezen in oorlog. Toen zich eens Magj^aarsche afgezanten te
Praag bevonden, om over eene betere regeling van de grens-
scheiding te onderhandelen, liet Karei IV zich ontvallen, dat
hij Elizabeth, Lodewijk's moeder, voor eene onzedelijke vrouw
hield. De gezanten vorderden daarop terstond voldoening en
lieten den keizer de keuze tusschen een tweegevecht of een
oorlog met hun koning. Karei IV verkoos het laatste.
Lodewijk de Groote was de eerste Hongaarsche koning, die
het zwaard voerde tegen de Turken. Hij verbond zich met
de vorsten van Walachije en Bosnië, om den koning van
Servië, die door de Turken zeer in 't nauw werd gebracht,
bij te staan. Aan de Maritza, twee dagreizen van Adriano-
pel, stieten de legers op elkander, en na een hevigen strijd
werden de Christenen geslagen.
Zijn schoonen bijnaam verwierf Lodewijk zich door de
wijsheid, waarmede hij het binnenland bestuurde. Hij ver-
beterde de rechtspleging, nam boeren en stedelingen in be-
scherming tegen den overmoedigen adel, wekte den lust voor
wetenschap en kunst op, bevorderde handel en nijverheid, en
deed de heuvels bij Tokay met die voortreffelijke wijnstokken
beplanten, welke sedert de edele Hongaarsche wijnen opleveren.
Toen hij in 1382 gestorven was, kozen de Magyaren, uit
u. 32