Boekgegevens
Titel: Kleio: verhalen en schetsen
Deel: Dl. 2 Geschiedenis der Middeleeuwen
Auteur: Kollewijn, A.M.
Uitgave: Amersfoort: A.M. Slothouwer, 1880
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: F 337
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203496
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kleio: verhalen en schetsen
Vorige scan Volgende scanScanned page
.486
genoemd werd. De koningin en Suffolk besloten daarop, hem on-
schadelijk te maken. Toen in 1447 het parlement bijeen was
geroepen, begaf Gloucëster, die geen kwaad vermoedde, zich naar
de vergadering. Plotseling werd hij gevangen genomen onder
beschuldiging van hoogverraad. Weinige dagen later vond men
hem in den kerker dood op zijn bed. Het volk beweerde, dat
hij op last van Margareta en Suffolk vermoord was. Een paar
jaren later werden in het parlement eene menigte beschul-
digingen tegen Suffolk ingebracht. Om zijn gunsteling te
redden onderwierp Hendrik VI hem niet aan de gewone recht-
spraak, maar liet hij hem met de pairs voor zich verschijnen,
en droeg hij hem op, zich tegen de beschuldigingen te ver-
dedigen. Suffolk hield eene lange redevoering, waarin hij zich
trachtte vrij te pleiten, en eindigde met de verklaring, dat
hij afstand deed van zijn recht om door de pairs geoordeeld
te worden en zich aan de uitspraak des konings onderwierp.
Hendrik VI antwoordde hierop, dat hij niet wilde beslissen
of Suffolk Echuldig of onschuldig was, maar dat hij hem voor
den tijd van vijf jaren uit Engeland verbande. Het volk was
over deze uitspraak zoo ontevreden, dat het Suffolk wilde ver-
moorden, zoodat deze het geraden achtte zoo spoedig moge-
lijk naar Erankrijk te gaan. Nauwelijks was hij in zee ge-
stoken, of het vaartuig, waarop hij zich bevond, werd door
een koningsschip aangehouden, welks bevelhebber Suffolk
aansprak met de woorden: //Wees welkom, verrader!" en
hem toen in boeien liet slaan. De bevelhebber, die deze
daad geheel eigenmachtig, overeenkomstig den algemeenen
volkswil verrichtte, liet nu zijne manschappen over den ge-
vangene rechtspreken. Hij werd ter dood veroordeeld en
onmiddellijk daarop in volle zee onthoofd. Hierbij bleef het
niet. Het volk in Kent kwam in opstand en eischte, dat
Hendrik VI zijn bloedverwant Richard van York, wiens recht
op den troon door velen als geldiger werd erkend dan dat des
konings, tot raadsman te nemen. Dewijl de koningin en de
leden van het geslacht Lancaster zich hiertegen verzett'en.