Boekgegevens
Titel: Kleio: verhalen en schetsen
Deel: Dl. 2 Geschiedenis der Middeleeuwen
Auteur: Kollewijn, A.M.
Uitgave: Amersfoort: A.M. Slothouwer, 1880
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: F 337
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203496
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kleio: verhalen en schetsen
Vorige scan Volgende scanScanned page
.485
had aan zijn hof geleerden, die zich met astrologie (sterren-
wichelarij) en alchimie (goudmaakkunst) bezighielden. Een
dezer lieden, de priester Bolingbroke, werd door toedoen van
den bisschop van Winchester voor eene geestelijke rechtbank
gedaagd op de beschuldiging, dat hij door toovermiddelen den
dood des konings had willen bewerken. Hij werd veroordeeld
om op de begraafplaats der St. Paulskerk te Londen in 't
openbaar zijne tooverij af te zweren. Op een Zondag werd hij
daartoe in de zonderlinge kleeding, die hij in zijne werk-
plaats placht te dragen, te pronk gesteld met zijn toover-
gereedschap in de hand. Kort daarna werd ook Eleonore
Cobham gevangen genomen onder beschuldiging van zich met
tooverij te hebben ingelaten. Met behulp der pijnbank be-
kende eene oude vrouw, de heks van Eye , een stadje in
Suffolk , dat zij voor Eleonore Cobham liefdedranken had ver-
vaardigd om den hertog van Gloucëster in hare strikken te
vangen, en beleed Bolingbroke , dat hij op verlangen van
Eleonore een wassen beeldje , dat den koning voorstelde, had
laten smelten , opdat diens gezondheid zou wegkwijnen ge-
lijk het beeldje was gesmolten. De heks van Eye werd ver-
brand , Bolingbroke opgehangen , en Eleonore, na met eene
brandende kaars in de hand tot spot des volks door de straten
van Londen te zijn gevoerd, levenslang gevangen gezet.
De bisschop van Winchëster wist nu te bewerken , dat
Hendrik VI in 't huwelijk trad met de schoone, talentvolle
Margareta van Anjou, en daarna onttrok hij zich aan de
staatszaken. Zijne plaats werd ingenomen door den graaf van
Suffolk, die, gesteund door de koningin, den koning geheel
beheerschte.
Margareta en Suffolk wendden al hunne pogingen aan om
met Frankrijk vrede te sluiten. Dit had ten gevolge, dat het
volk hen beschuldigde , de belangen van Engeland aan die
van Frankrijk op te offeren, en dat Gloucëster, die met
zijne partij het krachtig hervatten van den oorlog voorstond,
als de steun van Engeland beschouwd, eji „de goede hertog"