Boekgegevens
Titel: Kleio: verhalen en schetsen
Deel: Dl. 2 Geschiedenis der Middeleeuwen
Auteur: Kollewijn, A.M.
Uitgave: Amersfoort: A.M. Slothouwer, 1880
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: F 337
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203496
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kleio: verhalen en schetsen
Vorige scan Volgende scanScanned page
.473
koning ontzonk de moed. Hij onderhandelde met Ferdinand
en Isabella en gaf de stad over pp voorwaarde, dat de
Mooren volle vrijheid van godsdienst zouden behouden, naar
hunne eigene wetten geregeerd zouden worden en geene
zwaardere belastingen dan tot dusver zouden behoeven op te
brengen.
Toen den 2den Januari 1492 Grenada werd overgegeven, begaf
Boabdil zich naar de kleine landstreek, die hij onder de opper-
heerschappij van Castilië zou mogen blijven regeeren. Toen
hij van den top eener rots nog een laatsten blik op de roem-
rijke stad sloeg en aan de verdwenen grootheid van zijn volk
dacht, welden hem de tranen uit de oogen. Zijne moeder,
die dit zag, voegde hem toe: ,/Het past u wel, als eene
vrouw te weenen, om hetgeen gij niet als man hebt weten
te verdedigen!" De rotstop, van waar Boabdil voort 't laatst
Grenada aanschouwde, heet nog heden ten dage bij de Span-
jaarden: El ultimo sopiro del Moro, de laatste zucht van
den Moor. De ongelukkige Boabdil kon echter zijne afhan-
kelijkheid van de Christenen niet verduren. Hij verkocht
zijn gebied aan Ferdinand en stak over naar Afrika, waar
bij kort daarna sneuvelde.
Terwijl Ferdinand en Isabella nog te Grenada waren, drongen
de inquisiteurs er bij hen op aan, de gehate Joden uit Spanje
te verdrijven. Zoodra de ongelukkigen te weten kwamen,
welk eene ramp hun boven het hoofd hing, zonden zij
onmiddellijk afgevaardigden naar Grenada om den koning en
de koningin eene groote som gelds ten geschenke aan te,
bieden en tevens om hunne gunst af te smeeken. Terwijl de
Joodsche afgevaardigden bij Ferdinand en Isabella waren toe-
gelaten, kwam plotseling Torquemada het vertrek binnen en
sprak: „Judas heeft onzen Heer voor dertig zilverlingen ver-
kocht. Uwe Majesteiten willen hem opnieuw verkoopen. Hier
is hij; neemt en verkoopt hem!" Bij die woorden legde hij
een kruisbeeld op tafel en verliet daarop het vertrek. Deze
daad maakte een diepen indruk op Ferdinand en Isabella.