Boekgegevens
Titel: Kleio: verhalen en schetsen
Deel: Dl. 2 Geschiedenis der Middeleeuwen
Auteur: Kollewijn, A.M.
Uitgave: Amersfoort: A.M. Slothouwer, 1880
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: F 337
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203496
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kleio: verhalen en schetsen
Vorige scan Volgende scanScanned page
.459
tot onafhankelijke vorsten te verheffen. Zijn oudsten zoon,
Johannes Borgia, schonk hij het tot den kerkdijken staat
behoorende Beneventum als vorstendom, zijn tweeden, den
schandelijken Cesar Borgia, zijn lieveling, verhief hij tot
bisschop en kardinaal. De beide broeders haatten echter
elkander, omdat zij ijverzuchtig waren op de gunst van hun
vader en van hunne beruchte, beeldschoone zuster, Lucretia
Borgia. Op zekeren avond namen beiden deel aan eene woeste
slemppartij, ten huize hunner moeder. Johannes keerde van
daar niet naar zijne woning terug; zijn lijk werd, zonder
van zijne kostbaarheden beroofd te zijn, in den Tiber gevon-
den. Een werkman verklaarde, dat hij het erin had zien
werpen. Men vraagde hem, waarom hij er niet terstond ken-
nis van had gegeven, en toen was zijn koel antwoord, dat hij
wel honderd lijken in den Tiber had zien werpen, zonder dat
er ooit navraag naar was gedaan, en hij dus geene reden had
gehad, er zich thans mede ie bemoeien. Cesar Borgia werd
door ieder, zelfs door zijn vader, voor den moordenaar ge-
houden. Deze schonk hem echter vergiffenis en ontsloeg hem,
overeenkomstig zijn verlangen, van zijne waardigheden als
bisschop en kardinaal, om eene wereldlijke heerschappij te
kunnen verwerven. Alexander VI, Cesar en Lucretia gingen
voort, het meest ongebonden leven te leiden en allen, die hen
in den weg stonden, door bravi (sluipmoordenaars) of vergift
uit den weg te ruimen.
Intusschen wisten de aanhangers van den paus te Florence
het zoover te brengen, dat het prediken aan Savonarola werd
verboden, en nu stroomde de burgerij naar de kerk van 't San
Marco klooster, waar in zijne plaats de dominikaner monnik
Domenïco Da Pescia nog heftiger predikte. Dewijl er geen
door beide partijen erkend kerkelijk gezag bestond, om den
twist tusschen Savonarola en zijne tegenstanders uit te maken,
besloot men, gelijk te Florence in de Xl^e eeuw reeds eens
was geschied, God zelf door een wonder bij een gerechtelij-
ken tweestrijd te laten beslissen. Domenïco Da Pescia bood