Boekgegevens
Titel: Kleio: verhalen en schetsen
Deel: Dl. 2 Geschiedenis der Middeleeuwen
Auteur: Kollewijn, A.M.
Uitgave: Amersfoort: A.M. Slothouwer, 1880
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: F 337
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203496
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kleio: verhalen en schetsen
Vorige scan Volgende scanScanned page
.39
ten, die deze volken elkander leverden, doodde Alboïn, de
zoon van den Langobardischen koning Andoïn, ïhurismod,
den zoon van Thurisind, den koning der Gepïden. De over-
levering verbaalt, dat de Langobarden er bij hun koning op
. aandrongen, dat deze zijn dapperen zoon thans tot zijn tafel-
genoot zou verheffen, doch Andoïn antwoordde, dat hij niet
voornemens was van de voorvaderlijke zeden af te wijken,
volgens welke die eer slechts aan een koningszoon mocht
bewezen worden, wanneer deze zich de wapenen van een
vreemd vorst had verworven. Zoodra de vrede tusschen de
Langobarden en Gepïden weder hersteld was, begaf zich
Alboïn met een aantal krijgsmakkers naar het hof van Thu-
risind om dezen te verzoeken, hem de wapenen van Thu-
rismod af te staan, ten einde de eer deelachtig te kunnen
worden van tot, tafelgenoot zijns vaders verheven te worden.
Thurisind ontving den dapperen jongeling met vriendelijkheid
en deed hem bij den maaltijd aan zijne rechterhand plaats
nemen. Weldra kwam bij Thurisind de gedachte op, dat de
plaats, die eertijds werd ingenomen door Thurismod, thans
bezet werd door hem, die dien geliefden zoon had omge-
bracht. Tranen welden hem daarbij in de oogen op, en zuch-
tend ontsnapten hem de woorden, dat hij den aanblik van
den man, aan zijne rechterzijde gezeten, bijna niet kon ver-
dragen. Zijn tweede zoon, door die woorden geprikkeld,
begon hierop minachtend over de Langobarden te spreken,
waardoor een der metgezellen van Alboïn hem toornig toe-
voegde , dat hij in plaats van zulk eene taal te voeren, liever
eens moest denken aan het slagveld, waar de beenderen zijns
broeders als die van een rund verspreid lagen. De Gepïden
sprongen op en grepen hunne zwaarden, om over die belee-
digende woorden wraak te nemen, terwijl de Langobarden,
zoodra zij dit zagen, zich gereed maakten om zich duchtig
te verweren. Maar nu trad Thurisind tusschen de strijders,
en beval den zijnen, onder bedreiging van zware straffen, de
wapenen neder te leggen, omdat het geeue Gode gevallige