Boekgegevens
Titel: Kleio: verhalen en schetsen
Deel: Dl. 2 Geschiedenis der Middeleeuwen
Auteur: Kollewijn, A.M.
Uitgave: Amersfoort: A.M. Slothouwer, 1880
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: F 337
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203496
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kleio: verhalen en schetsen
Vorige scan Volgende scanScanned page
.446
vanen van Eienzi schaarde om de edelen te bestrijden. In
de herhaalde gevechten, die onder de muren van Eome plaats
hadden, legde Eienzi de grootste dapperheid aan den dag,
en sneuvelden Stefano Di Colonna en diens oudste zoon.
Voortdurend gaf Eienzi toe aan zijne zucht tot praal. Zijne
vrouw en zijne bloedverwanten liet hij, ondanks hunne ge-
ringe afkomst, bij feestelijke gelegenheden de eereplaatsen
innemen, en dit kwetste velen, die trotsch waren op hunne
hoogere geboorte. Maar de gansche bevolking kreeg hij tegen
zich, toen hij zich genoodzaakt zag eene nieuwe belasting
op te leggen. Nu verdubbelden de edelen hunne pogingen,
en maakten zij de wegen buiten Eome zóó onveilig, dat er
schaarschte aan levensmiddelen in de stad ontstond. In zijn
onwil om te betalen zeide het volk, dat Eienzi's verkwis-
tende levenswijze de oorzaak der nieuwe belasting was, en
toen bovendien een pauselijk legaat alom verkondigde, dat
Eienzi een vijand van den Heiligen Vader en een ketter was,
kende de verbittering geene palen meer. De edelen kwamen
opnieuw ten strijde. Eienzi trok hen met zijne huurlingen
te gemoet en werd geslagen. Daar de bevolking den strijd
had aangezien zonder eenige hulp aan Eienzi te verleenen,
begreep deze, dat het met zijne heerschappij gedaan was, en
nam hij de vlucht. Eerst hield hij zich schuil in een klooster
van Apulië, en toen begaf hij zich naar Praag, om keizer
Karei IV over te halen, een tocht naar Eome te doen. Deze
was daartoe niet genegen, en verwees hem naar Clemens VI
te Avignon, om zich van de blaam van ketterij te zuiveren.
Door zijne welsprekendheid wist hij den paus zoozeer voor
zich te winnen, dat deze hem aan zijn hof hield.
Na de vlucht van Eienzi hadden de edelen zich van de heer-
schappij te Eome meester gemaakt. De omstreken werden
weder onveilig, de straten der Eeuwige Stad waren opnieuw
getuigen van bloedige gevechten, en de inwoners hadden als
vroeger allerlei overlast van het krijgsvolk der edelen te ver-
duren, en alsof dit niet genoeg ware, kwamen beruchte con-