Boekgegevens
Titel: Kleio: verhalen en schetsen
Deel: Dl. 2 Geschiedenis der Middeleeuwen
Auteur: Kollewijn, A.M.
Uitgave: Amersfoort: A.M. Slothouwer, 1880
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: F 337
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203496
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kleio: verhalen en schetsen
Vorige scan Volgende scanScanned page
.444
door zijn heldendicht Afrika, dat over den tweeden Panischen
oorlog handelt, de bevolking van Rome zóó in verrukking,
dat zij hem in 1341 op het capitool met den lauwerkrans
tot koning der dichters kroonde. De herinnering aan het
grootsch verleden deed de Romeinen steeds zwaarder den druk
der edelen gevoelen, en van de daaruit ontstane stemming
wist Cola Di Rienzi, een vriend en bewonderaar van Petrarca,
gebruik te maken om bij de bevolking het voornemen te doen
ontstaan, zich de ontroofde vrijheid weder te verwerven.
Cola Di Rienzi, een zaakwaarnemer van nederige afkomst,
bezat eene groote kracht in de hem eigene, schitterende wel-
sprekendheid. Herhaaldelijk schetste hij in redevoeringen het
roemrijk verleden van Rome, en daardoor wist hij het volk
zóó op te winden, dat het in 1342 een gezantschap naar
paus Clemens VI te Avignon zond, met het dringend ver-
zoek, dat deze zijn zetel weder te Rome zou vestigen. Het
gezantschap slaagde niet, maar Rienzi, die evenals Petrarca
deel ervan uitmaakte, wist zoozeer de aandacht van den
paus tot zich te trekken, dat deze hem voorloopig aan zijn
hof hield. Vier jaren later werd hij door Clemens VI naar
Rome teruggezonden om daar als pauselijk notaris op te
treden. Deze betrekking en de gunst, waarin hij bij den
paus stond, schonken hem een aanzien, dat hij behendig
wist aan te wenden om zijne plannen te volvoeren. Nadat hij
opnieuw door redevoeringen bij het volk de zucht naar on-
afhankelijkheid had opgewekt, maakte hij gebruik van de
omstandigheid, dat de machtige Stefäno Di Colonna, ver-
gezeld van vele edelen, aan het hoofd eener krijgsbende, ter
begeleiding van een transport graan, de Eeuwige Stad (Rome)
had verlaten , om het volk tot eene vergadering op het capitool
op te roepen. Toen het daar ongewapend verschenen was, trad
Rienzi in volle wapenrusting, maar blootshoofds en vergezeld
van bisschop Ramondo, den pauselijken vicaris (stadhouder),
te voorschijn. Van de groote trap van het capitool hield hij
eene wegsleepende rede tot het volk, waarin hij het opwekte