Boekgegevens
Titel: Kleio: verhalen en schetsen
Deel: Dl. 2 Geschiedenis der Middeleeuwen
Auteur: Kollewijn, A.M.
Uitgave: Amersfoort: A.M. Slothouwer, 1880
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: F 337
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203496
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kleio: verhalen en schetsen
Vorige scan Volgende scanScanned page
.425
ven aan de uitstekende veldheeren, die Ziska had gevormd.
Daar bijna alle Boheemsche boeren de wapenen hadden op-
gevat, was de landbouw verwaarloosd, en steeg de prijs der
levensmiddelen tot eene buitensporige hoogte. De Taborieten
deden daarom strooptochten in de naburige landen, die bitter
van hen te lijden hadden. De rampen, die de Ilusietenoorlog
over Duitschland bracht, noodzaakte de vorsten opnieuw
met een rijksleger in Bohemen te vallen. Hierop sloten zich
alle partijen der Husieten weer bij elkander aan, en versloe-
gen de Duitschers. De vorsten begrepen, dat zij nu een
anderen weg moesten volgen om de Husieten tot rust te
brengen. Met medewerking van een concilie, dat in die
dagen werd gehouden, begon men met hen te onderhandelen,
en kwam het in 1433 tot een verdrag, de Prager Compac-
taten genoemd, waarbij het gebruik van brood en wijn bij
het Avondmaal werd toegestaan. De gematigde Utraquisten ,
wier partij in den laatsten tijd sterk was toegenomen, had-
den het verdrag goedgekeurd, maar de dweepzieke Taborie-
ten waren er niet mede tevreden. Nu ontstond er een bloe-
dige strijd tusschen de beide partijen der Husieten. Bij
Boheemsch Brod werden de Taborieten zoo vreeselijk ge-
slagen, dat hunne macht geheel gefnuikt was. De gema-
tigde Utraquisten zegevierden, en Sigismund deed in 1436
zijn intocht als koning in Praag. Hij stierf in het volgende
jaar, nadat hij zijn trouwen raadsman Frederik van Hohen-
zollern de mark Brandenburg als vrije, erfelijke bezitting had
geschonken.
Het aanzien van het Duitsche keizerschap was zoozeer ge-
daald, dat slechts weinige vorsten naar die waardigheid don-
gen, en toen de keurvorsten hunne stemmen eenparig op den
schoonzoo» van Sigismund, den Habsburger Albrecht Van
Oostenrijk, hadden uitgebracht, aarzelde deze nog de kroon
te aanvaarden. Hij deed het echter op aandrang zijner bloed-
verwanten. Hij was een dweepziek Katholiek, die in zijne
erfstaten de Joden schandelijk vervolgde. Eens liet hij er