Boekgegevens
Titel: Kleio: verhalen en schetsen
Deel: Dl. 2 Geschiedenis der Middeleeuwen
Auteur: Kollewijn, A.M.
Uitgave: Amersfoort: A.M. Slothouwer, 1880
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: F 337
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203496
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kleio: verhalen en schetsen
Vorige scan Volgende scanScanned page
.422
in heiligen ijver ook wat brandstof aandragen, vast overtuigd,
dat zij daarmede een Gode welgevallig werk verrichtte. Hus,
dit ziende, riep glimlachend uit: „O heilige eenvoud!" Zoo
bleef hij zich gelijk, totdat de vlammen een einde aan zijn
leven hadden gemaakt.
Het concilie liet in 't volgende jaar ook Hieronymus van
Praag verbranden, koos in 1417 Otto Di Colonna tot paus,
die den naam Martinus V aannam, en ging nog een jaar
later uiteen, zonder de gewenschte hervormingen tot stand te
hebben gebracht.
In Bohemen bracht de dood van Hus eene groote gisting
te weeg. Zijne aanhangers begonnen algemeen het gebruik van
het Avondmaal in beiderlei gestalte te volgen en kregen daarom
den naam van Utraquisten (van utraque — beide) of van
Galixtijnen (van calix = beker). De kloostergeestelijken ver-
zett'en zich krachtig tegen, wat zij noemden, deze nieuwigheid
en verbitterden daardoor zoozeer de boeren, die tot de Hu-
sieten behoorden, dat dezen gewapende benden vormden en
menig klooster bestormden en verwoestten. Wenceslaus, die
nog steeds als koning over Bohemen regeerde en verbitterd
was over het vonnis, dat de heilige vaders over Hus hadden
uitgsproken, verzette zich aanvankelijk niet tegen de beweging;
eerst toen zij door de uitbreiding, die zij krteg, gevaarlijk scheen
te worden, en zijn broeder, keizer Sigismund, er hem toe aan-
spoorde, besloot hij haar te keer te gaan. Zijne maatregelen
maakten het kwaad slechts erger, en spoedig daarna stierf hij.
De Husieten erkenden den edelman Johannes Ziska als hun
hoofd. Hij had zich vroeger als een dapper ridder doen ken-
nen, en Wenceslaus als kamerheer gediend. Wegens zijne
gehechtheid aan de leer van Hus was hij uit deze betrekking
ontslagen, toen Wenceslaus partij had getrokken tegen de
Husieten. Hij droeg allen Katholieken geestelijken »^en doo-
delijken haat toe, omdat zijne zuster door een monnik onge-
lukkig was geworden. De Katholieke Bohemers begonnen,
krachtig gesteund door de Duitschers, hevig te woeden tegen