Boekgegevens
Titel: Kleio: verhalen en schetsen
Deel: Dl. 2 Geschiedenis der Middeleeuwen
Auteur: Kollewijn, A.M.
Uitgave: Amersfoort: A.M. Slothouwer, 1880
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: F 337
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203496
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kleio: verhalen en schetsen
Vorige scan Volgende scanScanned page
.417
Terwijl al die opgeregeldheden in het Duitsche rijk plaats
grepen, bleef Wenceslaus zich in Bohemen, waar hij aanvan-
kelijk goed had geregeerd, aan zijne uitspattingen overgeven.
Voor zijn jachtvermaak hield hij er eenige bloedhonden op
na, die, naar men zegt, op een nacht in het slaapvertrek
zijner gemalin drongen en haar verscheurden. Dewijl hij zich
zoo weinig met de rijkszaken bemoeide, besloten de keur-
vorsten in 1400 hem af te zetten, maar daarop volgden elf
jaren van nieuwe onrust en verwarring, omdat de keurvorsten
het niet eens konden worden over de keuze van een nieuwen
keizer. lEindelijk werd Sigismund, de broeder van Wences-
laus, die in Bohemen bleef regeeren, algemeen erkend.
In dezen tijd bevond zich als hoogleeraar aan de door
Karei IV gestichte universiteit te Praag de hoogleeraar Johan-
nes Hus. Hij studeerde ijverig in de geschriften van den in
1384 overleden Oxfordschen hoogleeraar John Wiclife, die
eerst met kracht op het wegnemen van vele misbruiken, welke
in de kerk waren ingeslopen, aangedrongen, en eindelijk
eenige leerstukken, zooals de transsubstantiatie, dè verande-
ring van het brood en den wijn bij het Avondmaal in het
lichaam en het bloed van Christus, bestreden had. Johannes
Hus begon nu te Praag de denkbeelden van John Wiclife te
verspreiden. Hij kreeg onder de Czechen of Bohemers een
grooten aanhang, maar verbitterde het groot aantal Duitsche
hoogleeraren en studenten der universiteit. Hierdoor ontston-
den zulke oneenigheden, dat Wenceslaus er zich in 1409
mede bemoeide. Hij koos partij voor Hus en sloot de Duit-
schers van alle ambten aan de universiteit uit. Tot groot
nadeel voor de universiteit verlieten hierop alle Duitsche
studenten en hoogleeraren Praag. Zij begaven zich naar Leip-
zig, waar de markgraaf Frederik van Meissen hen welwillend
ontving en in hetzelfde jaar de later zoo beroemd geworden
universiteit stichtte. Hus kon nu zijne prediking nog vrijer
voortzetten dan vroeger en zag zijn aanhang met den dag
toenemen, ofschoon de hooge geestelijkheid zich met kracht
II. 27