Boekgegevens
Titel: Kleio: verhalen en schetsen
Deel: Dl. 2 Geschiedenis der Middeleeuwen
Auteur: Kollewijn, A.M.
Uitgave: Amersfoort: A.M. Slothouwer, 1880
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: F 337
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203496
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kleio: verhalen en schetsen
Vorige scan Volgende scanScanned page
.404
hem toe: „Hier zult gij mij het rijk en uw leven laten!" —
/r/Dat is in Gods hand!" klonk Albrecht's antwoord. Met kracht
renden beiden op elkander in. Adolf werd uit den zadel gewor-
pen, en Albrecht's schildknapen maakten hem onmiddellijk af.
Ofschoon Albrecht zich krachtig wist te handhaven tegen
de rijksvorsten, die hem aan hun gezag wilden onderwerpen,
en hij aan den handel een grooten dienst bewees door de
vorsten langs den Rijn te dwingen, de tollen op die rivier
op te heffen, slaagde hij niet in zijne pogingen om Holland,
Bohemen, Thüringen en Zwitserland aan zijn huis te brengen.
In Zwitserland had de persoonlijke onafhankelijkheid, op
welke de Germanen zooveel prijs stelden, langer stand ge-
houden dan elders. De edelen genoten er op verre na niet
zulk eene onderscheiding en zulke voorrechten als in het
overige Duitschland; zij verkeerden met niet adellijke vrijen,
en achtten het niet beneden zich, somtijds zeiven de ploeg
te hanteeren. De onvrijen hadden er een veel beter lot dan
elders; zij mochten deelnemen aan de verkiezing van den
landamman, den hoogsten overheidspersoon eener plaats, en
werden wel eens met openbare ambten bekleed. Behalve de
goederen der edelen vond men in Zwitserland vrije rijksste-
den en gewesten, die onmiddellijk onder het rijk stonden en
door rijksvoogden werden bestuurd.
Dewijl de oorspronkelijke familiegoederen van Albrecht in
Zwitserland lagen, wilde hij daar zijne macht uitbreiden.
Nadat verscheidene edelen hem hunne grondbezittingen hadden
verkocht, zocht hij van de vrije gebieden te verkrijgen, dat
zij zijne opperheerschappij in plaats van die des rijks erken-
den. De vrije Zwitsers waren daartoe volstrekt niet genegen,
en om hunne onafhankelijkheid door vereenigde kracht te
handhaven, sloten de woudsteden Schwyz, Uri en Unter-
walden zich tot een eedgenootschap bij elkander aan. De
reeds vroeger medegedeelde Germaansche heldensage van Teil
is later door de Zwitsers met het ontstaan van dit eedge-
nootschap in verband gebracht.