Boekgegevens
Titel: Kleio: verhalen en schetsen
Deel: Dl. 2 Geschiedenis der Middeleeuwen
Auteur: Kollewijn, A.M.
Uitgave: Amersfoort: A.M. Slothouwer, 1880
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: F 337
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203496
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kleio: verhalen en schetsen
Vorige scan Volgende scanScanned page
.394
ging alles voorspoedig. Uit vrees voor de bovennatuurlijke
macht der Maagd van Orleans gaven de steden zich of na
een kortstondigen weerstand, bf zonder slag of stoot over.
Dit laatste deed ook Rheims, dat door de Engelschen en de
opnieuw met hen verbonden Bourgondiërs bezet was, ruim
twee maanden, nadat zij Orleans had verlost. Karei VII
werd volgens de oude gewoonte gekroond, en daarmede had
Jeanne haar woord vervuld. Zij bleef echter in dienst des
konings, hetzij omdat deze het haar verzocht, hetzij omdat
zij hare taak niet volbracht rekende, zoolang de Engelschen
nog grondbezit hadden in Frankrijk. Op het einde des jaars
verhief de koning haar en hare bloedverwanten tot den adel-
stand.
Nog menig voordeel werd onder de aanvoering van de
Maagd van Orleans op de Engelschen bevochten, maar de
vadsigheid van Karei VII was oorzaak, dat zij niet met de
vereischte kracht kon optreden. Het was door zijne gemak-
zucht, dat zij bet hoofd stiet voor Parijs, welks burgers voor
de wraak des konings vreesden, en niet geloofden aan hare
goddelijke zending. Na den winter in gedwongen rust aan
het hof te hebben doorgebracht, trok zij met eene kleine
legerafdeeling uit om Compiègne, dat door de Bourgondiërs
belegerd werd, te ontzetten. Zij slaagde erin met hare troe-
pen binnen de stad te komen, maar nu keerde de fortuin
haar den rug toe. Bij een uitval werd zij door de Bour-
gondiërs gevangengenomen. De koning, die zooveel aan haar
verschuldigd was, deed geene enkele poging om haar vrij te
koopen, en nu beschuldigden de Engelschen haar van ver-
standhouding met den duivel, opdat zij als heks en niet als
krijgsgevangene zou kunnen worden behandeld. De univer-
siteit van Parijs en de bisschop van Beauvais vereenigden
zich met het gevoelen der Engelschen, en Jeanne werd te
Rouaan in den kerker geworpen en voor eene geestelijke
rechtbank gedaagd. Het geloofsonderzoek, dat over haar
werd gehouden, had uitsluitend hare veroordeeling ten doel.