Boekgegevens
Titel: Kleio: verhalen en schetsen
Deel: Dl. 2 Geschiedenis der Middeleeuwen
Auteur: Kollewijn, A.M.
Uitgave: Amersfoort: A.M. Slothouwer, 1880
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: F 337
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203496
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kleio: verhalen en schetsen
Vorige scan Volgende scanScanned page
.391
en nam Filips de Goede eene onzijdige houding aan, dewijl
hij op de Engelschen verstoord was over het huwelijk van
zijne nicht Jacoba van Beieren met den hertog van Glou-
cëster. Zes jaren had Karei VII nutteloos laten voorbijgaan,
toen de hertog van Bedfort een nieuw leger naar Frankrijk
zond. Na verscheidene versterkte plaatsen te hebben inge-
nomen, legerden de Engelschen zich voor Orleans. Viel ook
deze stad in hunne handen, dan stond de weg naar het Zui-
den voor hen open, en was het waarschijnlijk met Karel's
koningschap gedaan. De burgers van Orleans verdedigden
zich heldhaftig. De krachtdadige Dunois, een onwettige zoon
van den vermoorden hertog van Orleans, bracht de beste
strijdkrachten bijeen om de stad te ontzetten, terwijl edelen
en burgers, uit haat tegen den vreemdeling, zich tot de
grootste opofferingen bereid toonden. En in dien tijd wijdde
Karei VII al zijne aandacht aan vermaken. Eens kwam Lahïre,
een zijner dapperste aanvoerders, hem om bevelen vragen. Hij
was juist druk bezig met toebereidselen voor een groot feest, en
toen hij er hem het een en ander van had laten zien, vraagde
hij hem: ,/Wat dunkt u ervan, Lahïre?" „Mij dunkt," was
het antwoord, „dat men op geene bevalliger manier een
koninkrijk kan verspelen."
Toen Orleans gebrek aan levensmiddelen begon te krijgen,
werd er eene poging gewaagd, de stad ervan te voorzien,
doch de troepen, die daarmede belast waren, werden gesla-
gen en sedert liet Karei het beleg loopen.
Toch kwam er redding; maar op eene wijze, die niemand
had kunnen voorzien. Te Domremy, een dorp in Lotharingen,
woonde een meisje, Jeanne Darc, dat zeer kerkelijk was
opgevoed en zich door eene bizonder levendige verbeelding
onderscheidde. Dewijl de dorpelingen van Domremy de partij
der Armagnacs waren toegedaan, had zij reeds vroeg geleerd,
de Engelschen en de Bourgondiërs te haten. Diep geschokt
door de droevige tijdingen van den voorspoed der Engelsche
wapenen, bad zij vurig om verlossing voor haar land. Meer