Boekgegevens
Titel: Kleio: verhalen en schetsen
Deel: Dl. 2 Geschiedenis der Middeleeuwen
Auteur: Kollewijn, A.M.
Uitgave: Amersfoort: A.M. Slothouwer, 1880
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: F 337
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203496
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kleio: verhalen en schetsen
Vorige scan Volgende scanScanned page
.554
van Agnani verdreven spoedig daarop de Franschen uit hunne
stad. Bonifacius liep terstond eene kerkvergadering te Eome
bijeen; maar nauwelijks was hij in die stad aangekomen, of
hij werd door eene ziekte aangetast en gaf in een aanval
van razernij den geest. Guillaume de Nogaret werd voor de
diensten zijn koning bewezen tot ridder geslagen en ontving
later eene heerlijkheid met den titel van baron.
De opvolger van Bonifacius VIII stierf nog geen jaar na
zijne verkiezing, en toen beklom, na een getwist van vele
maanden, de aartsbisschop van Bordeaux, Bertrand d'Agoust,
den pauselijken zetel onder den naam van Clemens V. Deze
was vroeger een getrouw aanhanger geweest van Bonifacius
VIII, maar om tot hooger aanzien te geraken had hij zich
geheel onderworpen aan Filips IV den Schoonen, door wiens
invloed de keuze der kardinalen op hem was gevallen. Daar
Clemens V zich niet te Rome durfde vestigen, koos hij tot
residentie de stad Avignon, die toen nog met Provence aan
den koning van Napels behoorde, en onder het oppergezag
van den Duitschen keizer stond. De onmiddellijke nabijheid
van Frankrijk schonk echter aan den Franschen koning ge-
durende de zeventig jaar, dat de Heilige Stoel te Avignon
gevestigd bleef, een overwegenden invloed op de pausen.
Ondertusschen had Vlaanderen zijne vrijheid herkregen. De
Fransche stadhouders en de partij der Lelieaards onderdrukten
de burgers en de boeren zoozeer, dat dezen in verzet kwa-
men. Peter de Coninck, de deken van het wolweversgilde
der in het door de Kerels bevolkte land gelegen stad Brugge,
een der woordvoerders van de volkspartij, een zestigjarig man,
die één oog miste, maar jeugdige geestkracht bezat, werd
met eenige aanhangers door de Franschgezinde schepenen ge-
vangen gezet. Deze daad had een opstand der Bruggenaars
ten gevolge, die de gevangenen met geweld bevrijdden. Peter
De Coninck werd nu het hoofd der volkspartij, die eerlang
versterkt werd door Jan en Guy van Namen, de zonen uit
het tweede huwelijk van graaf Guy II, die met zijne twee