Boekgegevens
Titel: Kleio: verhalen en schetsen
Deel: Dl. 2 Geschiedenis der Middeleeuwen
Auteur: Kollewijn, A.M.
Uitgave: Amersfoort: A.M. Slothouwer, 1880
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: F 337
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203496
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kleio: verhalen en schetsen
Vorige scan Volgende scanScanned page
.326
klein leger over den Bospörus. Terwijl Boudewijn II niets
kwaads vermoedde, naderde Strategopûlos in de avondsche-
mering de stad, wier muren door eenigen zijner manschappen
zonder tegenstand te ondervinden beklommen werden. Hij
zelf trok met zijne overige manschappen eene geopende poort
binnen en bracht door te plunderen en brand te stichten de
Latijnen in den waan, dat hij over eene veel grootere macht,
dan werkelijk het geval was , beschikte. Boudewijn II deed
geene enkele poging om den vijand met • geweld te keeren.
Hij ontvluchtte met een schip, dat hem naar Italië voerde.
Drie weken later hield Michael Paleolögus zijn intocht in
Constantinopel en weldra bezweken alle Latijnsche vazalstaten,
die in het Byzantijnsche rijk waren ontst^n.
Daar de kruistocht van de Fransche ridders volstrekt niet aan
de verwachting van paus Innocentius III had voldaan, trachtte
deze de edelen in Europa opnieuw tot een tocht naar 't Heilige
Land op te wekken. Terwijl zijn woord weinig weerklank bij de
volwassenen vond, deed zich eensklaps een zonderling verschijnsel
voor. In 1212 verhaalde een herdersjongen uit de omstreken van
Vendôme aan de Loir, eene zijrivier der Loire, dat hij eene
verschijning van den Heiland had gehad , en deze hem had
opgedragen, het kruis te prediken. Stefänus, zoo heette hij,
slaagde erin eene menigte herdersknapen het ïoornemen te
doen opvatten ter kruisvaart te gaan. Op ^ijn voorbeeld
begonnen ook andere jongens de kruisvaart te prediken, en
zoo ontstond er niet alleen in Erankrijk, maar ook in Duitsch-
land, eene groote beweging onder de knapen. Eilips II August
verbood den kinderen ten kruistocht te gaan, en vele geeste-
lijken en leeken trachtten het te verhinderen, maar het volk
moedigde de onderneming aan, omdat het gehoord had, dat
Stefanus wonderen deed, en omdat het meende, dat wat
aan de volwassenen wegens hunne zonden was mislukt, met
Gods hulp door onschuldige kinderen zou worden volvoerd.
Duizenden Eransche knapen trokken onder aanvoering van
Stefanus naar Marseille, om van daar over zee naar het