Boekgegevens
Titel: Kleio: verhalen en schetsen
Deel: Dl. 2 Geschiedenis der Middeleeuwen
Auteur: Kollewijn, A.M.
Uitgave: Amersfoort: A.M. Slothouwer, 1880
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: F 337
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203496
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kleio: verhalen en schetsen
Vorige scan Volgende scanScanned page
.318
De val van Jeruzalem m^kte in Europa een geweldigen
indruk. De hooge geestelijken verloren er een der gemak-
kelijkste middelen door om zich van lastige tegenstanders te
ontslaan, wien zij vaak eene bedevaart naar het heilige graf
als boete oplegden; de aanzienlijkste geslachten uit de ver-
schillende staten van Europa hadden bloedverwanten in 't Hei-
lige land, en de kooplieden in de kuststeden der Middelland-
sehe Zee vreesden voor hunne handelsbelangen. Paus Clemens
III spoorde de vorsten tot een derden kruistocht aan en Filips
II August van Frankrijk verzoende zich met zijn vijand Hen-
drik II van Engeland om er deel aan te kunnen nemen.
Hun voorbeeld werd door vele edelen gevolgd, en nu be-
sloten zij gezamenlijk te gaan. De Franschen zouden roode,
de Vlamingen groene en de Engelschen witte kruisen aan den
schouder hechtten..
In Duitschl^d stelde zich de zevenenzestigjarige keizer Fre-
derik I Barbarossa aan het hoofd der beweging. Toen hij een ge-
ducht leger van kruisvaarders onder zijne vanen had vereenigd,
zond hij aan SaJah Eddïn, met wien hij vroeger gezantschap-
pen en geschenken had gewisseld, eene oorlogsverklaring en
trok daarna over Weenen door Hongarije. Tot aan de grenzen
van het Byzantijnsche rijk ging de tocht voorspoedig, daar
de kruisvaarders overal welwillend ontvangen werden wegens
de strenge krijgstucht, die Frederik handhaafde. De Byzan-
tijnsche keizer Izaak Angelus echter wantrouwde de kruis-
vaarders zoozeer, dat hij hen met de wapenen zocht tegen
te houden, maar Barbarossa dwong hem vrede te sluiten en
schepen te leveren, waarmede de kruisvaarders naar Klein-
Azië overstaken. Hier begonnen eerst de groote moeilijkhe-
den. Kilidsch Arslan, de sultan van Ikonium, zocht de
kruisvaarders in 't verderf te storten, en trouwelooze gidsen
voerden hen naar de meest onherbergzame streken. Somtijds
was het leger gedurende den tocht in zulke stofwolken gehuld,
dat kleine afdeelingen en enkele strijders verdwaald raakten
en in de handen vielen vau de roof- en moordzieke Seid-