Boekgegevens
Titel: Kleio: verhalen en schetsen
Deel: Dl. 2 Geschiedenis der Middeleeuwen
Auteur: Kollewijn, A.M.
Uitgave: Amersfoort: A.M. Slothouwer, 1880
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: F 337
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203496
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kleio: verhalen en schetsen
Vorige scan Volgende scanScanned page
.22
brek aan water." Mohammed behartigde dien raad. Den vol-
genden dag schaarden zich de 300 man van Mohammed
tegenover de 600 Mekkanen, die de zon in't gezicht hadden
en bovendien moeilijk voorttrokken, daar het 's nachts, vooral
aan hun kant, zeer sterk had geregend. Mohammed, die
zeer bekommerd was over den uitslag van den strijd, omdat
zijn lot ervan afhing, liet den vijand naderen en gaf daarop
den zijnen het teeken tot den aanval, door een handvolkie-
zelsteenen op te rapen en deze naar hem toe te werpen met
de woorden: //Dat uw gelaat met schande bedekt worde!"
De strijd was spoedig beslist. De Mekkanen namen de
vlucht, en zoodra zij het slagveld ontruimd hadden, gaarden
de geloovigen den buit bijeen, die hen meer had aange-
trokken dan de paradijsvreugde, en onmiddellijk daarop ver-
deeld werd.
De overwinning op zulk eene overmacht, werd als een
wonder beschouwd en bevestigde Mohammed's gezag als
profeet. Maar niet altijd was het geluk aan zijne zijde. Bij
Ohod werd hij geducht geslagen door de Mekkanen, die
echter van hunne overwinning geen gebruik maakten, omdat
zij meenden, dat Mohammed, dien een steenworp ter aarde
had geveld, gesneuveld was.
Mohammed, die echter spoedig hersteld was, moest nu
al zijne slimheid aanwenden om den slechten indruk, die
bij velen twijfel aan zijne roeping opwekte, te doen ver-
dwijnen. Telkens wees hij erop, dat de geloovigen op Allah
moesten vertrouwen, die hun dan zeker nieuwe overwinningen
en grooten buit zou schenken.
Nadat Mohammed het geluk had gehad, eene' in de nabij-
heid van Medina wonende afdeeling Joden, die hem vijandig
was, te overwinnen, waarna hij de mannen, 800 in getal,
liet onthoofden en de vrouwen en kinderen als slaven ver-
kocht , onderwierpen zich alle omliggende stammen, ge-
deeltelijk uit vrees, gedeeltelijk in 't vooruitzicht op buit.
Nu zond Mohammed eene afdeeling van 3000 man naar