Boekgegevens
Titel: Kleio: verhalen en schetsen
Deel: Dl. 2 Geschiedenis der Middeleeuwen
Auteur: Kollewijn, A.M.
Uitgave: Amersfoort: A.M. Slothouwer, 1880
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: F 337
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203496
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kleio: verhalen en schetsen
Vorige scan Volgende scanScanned page
.261
herhaaldelijk tot opsluiting in Ben klooster veroordeeld. Hij
bouwde te Nogent sur Seine eene kapel en een klooster,
Paraklet (bijstand Gods) genoemd, dat hij na zijne benoeming
tot abt van St. Gildes de Euys in Bretagne verliet en aan
Heloïse schonk, die het met hare nonnen betrok. Steeds
geslingerd door zijne liefde voor Heloïse en den vinnigen
strijd, dien hij over zijne leer moest voeren, leidde hij te
St. Gildes een treurig leven. Hij overleed in 1142 , en op
verlangen van Heloïse werd zijn lijk naar Paraklet overgebracht,
waar ook het hare, toen zij een en twintig jaar later over-
leden was, naast het zijne werd bijgezet. In 1828 zijn beider
overblijfselen naar het kerkhof Père la Chaise te Parijs over-
gebracht.
Daar Eleonore lichtzinnig van aard was, en de jaloerschheid
des konings hierdoor werd opgewekt, was hun huwelijk zóó
ongelukkig, dat Lodewijk VII besloot van zijne gemalin te
scheiden. Suger, met recht duchtende, dat door die daad
Eleonore's rijke bezittingen voor de kroon verloren zouden
gaan, wist den koning van zijn voornemen te doen afzien.
Maar zoodra hij overleden was, kwam Lodewijk VII er weder op
terug. Voorgelicht door den heiligen Bernhard, verklaarden de
bisschoppen, wien Lodewijk VII het onderzoek der zaak had
opgedragen, dat de scheiding kon plaats hebben, op grond,
dat de koning en de koningin elkander in den zesden graad
vermaagschapt waren, iets waarin vroeger niemand bezwaar
had gezien. Alvorens tot de scheiding over te gaan, maakte
de koning van zijn eigendomsrecht gebruik om de sterkten en
de erfgoederen zijner vrouw te doen slechten, want als opper-
leenheer mocht hij wel het stichten van vestingen verbieden,
maar had hij geen recht bestaande te vernietigen. Daarop
scheidde hij van Eleonore, en gaf haar de erfgoederen
terug. Weinige maanden later huwde zij met Hendrik, den
oudsten zoon van Godfried Plantagenet, graaf van Anjou en
Maine.
Na den dood zrjns vaders was Hendrik Plantagenet de