Boekgegevens
Titel: Kleio: verhalen en schetsen
Deel: Dl. 2 Geschiedenis der Middeleeuwen
Auteur: Kollewijn, A.M.
Uitgave: Amersfoort: A.M. Slothouwer, 1880
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: F 337
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203496
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kleio: verhalen en schetsen
Vorige scan Volgende scanScanned page
.253
staat. In de steden woedden voortdurend de twisten der edelen,
en op de eilanden had men van de willekeur der door den
volksraad gekozen overheden, tribunen genaamd, te lijden.
Toen Theodörik de Groote aan 't hoofd der Oost-Gothen
Italië veroverde, liet hij de bewoners van het land der Veneten
met rust, die hem daarom hulp verleenden. De inval der
Langobarden deed het aantal bewoners der eilanden zeer toe-
nemen. In 697 werd op eene vergadering van den adel, de
geestelijkheid en de burgers van den bondsstaat besloten, een
opperhoofd te kiezen met den titel van doge (hertog). De
souvereiniteit verbleef wel bij den volksraad, maar den doge
werd eene bijna koninklijke waardigheid opgedragen. Hij
benoemde de hooge staatsambtenaren, koos zelf zijne raads-
lieden, aan wier uitspraak hij echter niet gebonden was, en
besliste over oorlog en vrede. Paoluccio Anafesto was de
eerste doge.
Nadat Karei de Groote het rijk der Langobarden onder-
worpen had, trachtte zijn oudste zoon Pepijn zich ook van
den bondsstaat der Veneten meester te maken. Hij verbrandde
de steden op het kustland en rustte te Ravenna, dat toen
nog aan zee lag, eene aanzienlijke oorlogsvloot uit, waar-
mede hij zich van de eilanden Chiozza en Palestrina meester
maakte. Toen hij daarna vasten voet had gekregen op het
eiland Albiola, dat slechts door een nauw kanaal gescheiden
is van het eiland Malamocca, waar de zetel der regeering
was gevestigd, haalde een der aanzienlijkste bewoners zijne
medeburgers over, met hunne kostbaarheden over te steken
naar het eiland Rialto, welks ligging in het midden der lagu-
nen veel beter kans tot verdediging aanbood. Pepijn liet door
zijne schepen de vluchttelingen nazetten, die echter met hunne
lichte vaartuigen den vijand op de ondiepten lokten, waar
zijne schepen, die er zich niet voldoende konden bewegen,
aangevallen, en gedeeltelijk verbrand of veroverd werden. De
vrede werd niet lang daarna gesloten, en sedert bleef het eiland
Ëialto de hoofdzetel van den staat. Het werd door bruten