Boekgegevens
Titel: Kleio: verhalen en schetsen
Deel: Dl. 2 Geschiedenis der Middeleeuwen
Auteur: Kollewijn, A.M.
Uitgave: Amersfoort: A.M. Slothouwer, 1880
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: F 337
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203496
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kleio: verhalen en schetsen
Vorige scan Volgende scanScanned page
.250
De rust keerde hierdoor echter niet weder. Telkens ontston-
den niet alleen gevechten van de Richerzeche tegen de andere
gilden, die meestal door de aartsbisschoppen werden gesteund,
maar zelfs tusschen op elkander ijverzuchtige geslachten der
Eicherzeche onderling. In deze twisten, waarbij ieder zich
ten koste van anderen zocht te verrijken of tot hooger aan-
zien te brengen, gebeurde het dikwijls, dat een gedeelte der
Eicherzeche aan het hoofd van een gedeelte der handwerkers-
gilden streed. „Men leefde," gelijk de Keulsche kroniek
zegt, „als katten en honden met elkaar."
Op dezelfde wijze als in Duitschland ontstonden de steden
in Frankrijk en in Italië, want ofschoon in deze landen meer
Romeinen onder de burgers werden opgenomen, ontwikkelden
de stadsregeeringen er zich toch uit Germaansche instellingen.
De Italiaansche steden waren zeer ijverzuchtig op de edelen.
De edelen, die in bergstreken woonden, konden zich gewoon-
lijk handhaven, maar scheidden dan ook hunne belangen van
die der steden af. De edelen daarentegen, die in de vlakte
waren gevestigd, bezaten bijna geene middelen om hunne
kasteelen behoorlijk te versterken, en zagen zich vaak ge-
noodzaakt, het burgerrecht eener stad te vragen. In de stad
vormden de edelen wel eene afzonderlijke klasse, maar onder-
worpen aan de stadsoverheden. De woningen der edelen in
de steden waren kasteelen, die steeds voldoende van wapenen
en van voorraad voorzien waren om een beleg geruimen tijd
te kunnen weerstaan. Hadden de edelen eener stad zich aan-
eengesloten , dan zouden zij de overige burgers wellicht hebben
kunnen overheeren, maar door hunne zucht naar teugelloos-
heid en het inwilligen van hunne luimen en hartstochten waren
zij gewoonlijk onderling in strijd. In menige stad waren de ede-
len naar twee hunner voornaamste geslachten voortdurend in
twee vijandige partijen verdeeld : in Verona die van Montecchio
en San-Bonifazio, in Ferrara die van Salinguerra en Adelardo enz.
Vroeger was de uitvoerende macht in de steden gewoon-
lijk toevertrouwd geweest aan twee consuls, maar sedert Fre-