Boekgegevens
Titel: Kleio: verhalen en schetsen
Deel: Dl. 2 Geschiedenis der Middeleeuwen
Auteur: Kollewijn, A.M.
Uitgave: Amersfoort: A.M. Slothouwer, 1880
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: F 337
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203496
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kleio: verhalen en schetsen
Vorige scan Volgende scanScanned page
.240
sommen over had voor de eer om den titel van koning van
Duitschland te dragen, maar zich daarmede ook tevreden
stelde en nooit in 't land kwam. Richard van Cornwales
vertoonde zich enkele malen in Duitschland, maar vertoefde
gewoonlijk in Engeland, waar hij in 1272 overleed. De
jaren, gedurende welke Richard van Cornwales koning van
Duitschland heette, en die men het Interregnum (tusschenre-
geering) noemt, waren voor het rijk een tijd van volslagen
regeeringloosheid. De roofridders oefenden ongestoord hun
schandelijk bedrijf uit, en menig vorst stoorde zich aan wet
noch recht om zijn gebied te kunnen vergrooten. Zoo maakte
Ottokar van Bohemen zich meester van Oostenrijk, Stier-
marken, Korinthië en Krain, liet er zich door Richard van
Cornwales mede beleenen, en deed toen rooftochten in Beieren.
De wreede en vermetele dwingeland graaf Eberhard II van
Wurtemberg, die zich Gods vriend en allemans vijand noemde,
pleegde allerlei daden van geweld.
In deze droevige omstandigheden was het een geluk, dat
de zeven groote rijksvorsten gelukkig waren in hunne keuze
van een opvolger voor Richard van Cornwales. Er leefde in
die dagen een rechtschapen, verstandig en dapper ridder.
Hij was graaf van Habsburg en bezat in Zwitserland, Zwa-
ben en den Elzas niet onaanzienlijke bezittingen. Uri, Schwyz
en Unterwalden hadden hem tot beschermheer gekozen.
Van tijd tot tijd nam hij deel aan de oorlogen, die de rid-
derschap tegen de steden voerde, en ofschoon hij eens in
dienst van deze laatste streed, was hem meestal de leiding
der ridderschap opgedragen. Op zijne krijgstochten sloten
zich Zurich en Freiburg, evenals een aantal ridders vrijwillig
bij hem aan. Hij lokte hen echter niet door het uitzicht
op buit, want hij leefde met zijne vrouw hoogst eenvoudig
en handhaafde onder zijne krijgsbende de strengste krijgstucht.
Eens, dat de aartsbisschop Werner van Mainz een tocht
naar Rome deed, geleidde Rudolf van Habsburg hem op de
heen- en de thuisreis veilig door Zwitserland,