Boekgegevens
Titel: Kleio: verhalen en schetsen
Deel: Dl. 2 Geschiedenis der Middeleeuwen
Auteur: Kollewijn, A.M.
Uitgave: Amersfoort: A.M. Slothouwer, 1880
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: F 337
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203496
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kleio: verhalen en schetsen
Vorige scan Volgende scanScanned page
.220
Frederik aan de stad vergiffenis, op voorwaarde dat zij hem
voortaan zou gehoorzamen.
Nu hield hij een pleehtigen rijksdag in de Roncalische vlakte,
waarop de Italianen zijn recht erkenden, de hertogen, mark-
graven en graven, en, onder goedkeuring der inwoners, de
stedelijke regenten te benoemen. Nauwelijks had hij hierop
een gedeelte van zijn leger naar Duitschland teruggezonden,
of de Milaneezen weigerden zijne inmenging te erkennen in
de verkiezing hunner overheden. Om hen voor deze schen-
ding van hun eed te straffen, trok hij tegen Milaan op, doch
hij had over te weinig strijdkrachten te beschikken om de
stad geheel te kunnen insluiten. Terwijl hij nieuwe troepen
uit Duitschland afwachtte, sloeg hij het beleg voor het veel
minder^machtige Crema, dat de Milaneezen steeds trouw ter
zijde had gestaan. Hier werd de oorlog op de onmensche-
lijkste wijze gevoerd. De Duitschers kaatsten voor het oog der
stedelingen met de afgehouwen hoofden der gevangenen, ter-
wijl de Cremensers in 't gezicht der belegeraars de gevangen-
genomen Duitschers in stukken hieuwen. Frederik beval een
aantal Cremensers, die in zijne handen gevallen waren, aan
de meest vooruitgeschoven belegeringswerktuigen vast te binden
om deze tegen het hevige schieten der belegeraars te beveili-
gen, doch de Cremensers in de stad stoorden er zich niet
aan. Met den kreet: ,/Na de vrijheid is de dood voor de
vrijheid het meest te verkiezen!" zett'en zij hunne verdedi-
ging met de meeste krachtsinspanning voort. Zeven maanden
hielden zij het vol; toen dwong de honger hen den strijd te
staken. Zij verkregen vrijen aftocht, en Barbarossa verwoestte
hunne stad.
Toen zijn leger voldoende versterkt was, sloeg de keizer
het beleg weder voor Milaan. De strijd werd met afwisse-
lend geluk gevoerd, totdat honger de Milaneezen opnieuw
dwong te onderhandelen. Hunne gezanten werden door Fre-
derik met onwil ontvangen. Hij wilde aan de stad geene
gunstige voorwaarden toestaan en eischte overgave op genade