Boekgegevens
Titel: Kleio: verhalen en schetsen
Deel: Dl. 2 Geschiedenis der Middeleeuwen
Auteur: Kollewijn, A.M.
Uitgave: Amersfoort: A.M. Slothouwer, 1880
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: F 337
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203496
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kleio: verhalen en schetsen
Vorige scan Volgende scanScanned page
.209
aan. Het chalifaat van CordÖva, toen het dichtst bevolkte
rijk van Europa, genoot onder zijn bestuur een ongekenden
voorspoed. Handel, nijverheid en bergbouw bloeiden. Men
kende geene armoede, en de Christenen, die niet langer
vervolgd werden, mochten evenals de Joden hun geloof open-
lijk belijden. Kunsten en wetenschappen werden zoo alge-
meen en zoo gelukkig beoefend, dat menig Christen uit een
ander rijk naar Spanje ging om er zijne kennis of zijn kunst-
zin te veredelen. De groote steden zooals Toledo, Saragossa,
Valencia, Murcia en Sevilla spreidden eene ongekende pracht
ten toon, maar boven alle blonk de residentie Cordöva uit.
Abderrähman III stichtte er het naar zijne meest geliefde
slavin genoemde Azaëhra. Het was een zeer uitgestrekt op
een heuvel gelegen paleis. Op de hoogte bevond zich het
verblijf des chaliefs; iets lager verrezen de woningen der
hofbeambten, en daaromheen vond men een heerlijk park
vol geurige amandelboomen. Prachtig kwamen de wit marme-
ren gebouwen tegen den donkeren heuvelwand uit. Geene
hofhouding in Europa evenaarde die des chaliefs in luister.
Hakem II, dien zijn vader door uitstekende geleerden had
laten onderwijzen, beoefende zelf de wetenschap, en zijn
voorbeeld vond allerwegen navolging. Het aantal hoogescho-
len klom onder zijne regeeering tot 17 en dat der openbare
bibliotheken tot 700. De uitnemendste boekerij was die,
welke door Hakem II zelven te Cordöva bijeen werd gebracht,
en voor welke hij schatten over had, om uit de verschillende
oorden der wereld afschriften van de merkwaardigste boeken
te verkrijgen. Door het geheele rijk verrezen geleerde
genootschappen, en zelfs de vrouwen van den harem hielden
zich met wetenschap en kunst bezig. De harem is het af-
gesloten verblijf van de vrouwen eens Mohammedaans. Ieder
Mohammedaan kan vier wettige vrouwen en een aantal bij-
vrouwen en slavinnen hebben. De minder gegoeden hebben
gewoonlijk, evenals bij ons, slechts ééne vrouw. Menige vrouw
deed zich als schrijfster of dichteres kennen.
II. 14