Boekgegevens
Titel: Kleio: verhalen en schetsen
Deel: Dl. 2 Geschiedenis der Middeleeuwen
Auteur: Kollewijn, A.M.
Uitgave: Amersfoort: A.M. Slothouwer, 1880
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: F 337
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203496
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kleio: verhalen en schetsen
Vorige scan Volgende scanScanned page
.189
hij voort aan te voeren en te strijden. Het voetvolk en de
ruiterij hervatten hierop den aanval onder de kreten : //Onze
Lieve Vrouw! God helpe!" Maar de Normandiërs werden aan
een der ingangen van de legerplaats teruggeworpen tot een
met struiken begroeiden hollen weg, waar hunne paarden
struikelden, en waar zij over elkander vielen en in grooten
getale sneuvelden. Er ontstond in het overzeesche leger
voor een oogenblik een panische schrik. Het gerucht ver-
spreidde zich, dat de hertog gesneuveld was, en op die
■ tijding begon men op de vlucht te slaan. Willem reed de
vluchtelingen tegemoet en versperde hun den weg met be-
dreigingen en lanssl^en. Vervolgens het hoofd ontblootende,
riep hij uit: //Hier ben ik, ziet mij aan, ik leef nog en zal
met Gods hulp overwinnen."
//De ruiters keerden nu naar de verschansing terug, maar
zij konden er niet in doordringen en er geene bres in maken.
Toen bedacht de hertog eene list om de Angelsaksers hunne
stelling en hunne gelederen te doen verlaten. Hij gaf aan dui-
zend ruiters bevel aan te vallen en daarna terstond den teugel
te wenden. Het zien van die geveinsde vlucht deed den Angel-
saksers hunne koelbloedigheid verliezen. Met de bijl op den
schouder stormden zij naar buiten om de vervolging te begin-
nen. Op zekeren afstand sloot zich eene afdeeling, die daar
met voordacht was opgesteld, bij de vluchtelingen aan, die
daarna terstond omkeerden, en nu werden de Angelsaksers on-
verwachts van alle kanten -met lansen en zwaarden aange-
vallen, tegen welke zij zich niet konden verweren, dewijl
zij hunne groote bijlen met beide handen moesten zwaaien.
Toen hunne gelederen overhoop waren geworpen, werden de
afsluitingen der verschansing omvergehaald, en drongen er rui-
ters en voetknechten binnen; maar de strijd was nog hevig,
ongeregeld en man tegen man. Het paard van Willem werd
onder hem gedood. Koning Harald en zijne beide broeders
vielen dood neer naast hun standaard, die omvergerukt en
vervangen werd door het uit Rome gezonden vaandel. Het