Boekgegevens
Titel: Kleio: verhalen en schetsen
Deel: Dl. 2 Geschiedenis der Middeleeuwen
Auteur: Kollewijn, A.M.
Uitgave: Amersfoort: A.M. Slothouwer, 1880
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: F 337
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203496
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kleio: verhalen en schetsen
Vorige scan Volgende scanScanned page
.167
henstaufen, wien hij zijne dochter tot vrouw had gegeven, over,
en trok zelf naar Italië om zich op Gregorius VII te wreken. Hij
begaf zich met zijne legermacht terstond naar Rome, en bracht
de stad zoozeer in 't nauw, dat de inwoners ontevreden werden
en er bij hun bisschop op aandrongen met Hendrik vrede te
sluiten. Gregorius achtte zich toen niet meer veilig in het Late-
raan en betrok den versterkten Engelenburg. Kort daarop
openden de Romeinen de poorten voor Hendrik, die er zich
door Clemens III tot keizer liet kronen.
Hendrik had terstond het beleg voor den Engelenburg
geslagen, maar eerlang werd hij uit Rome verdreven door
Robert Guiscard, die zich weder met Gregorius had verzoend.
De Noormannen hielden schandelijk huis in de stad, die
zij, om zich met goed gevolg tegen de inwoners te kunnen
verdedigen, op verschillende punten in den brand staken, en
daardoor nam de ontevredenheid tegen Gregorius zoozeer toe,
dat deze zich genoodzaakt zag haar te verlaten, toen Robert
Guiscard met zijne troepen aftrok. Hij vestigde zich daarop
te Salerno, waar hij na eene ziekte van weinige maanden
overleed. Zijne laatste woorden waren: „Ik heb het recht
bemind en het onrecht gehaat, daarom sterf ik in ballingschap."
Terwijl Hendrik IV Clemens III bleef steunen, verkozen
zijne tegenstanders Victor III, en na diens spoedigen dood ,
Urbanus II tot opvolger van Gregorius VII. Urbanus II nam,
om zich van de overige bisschoppen te onderscheiden, den
titel van paus aan. Het woord paus komt af van het Griek-
sche pappos, dat grootvader beteekent. Het werd in de eerste
eeuwen van het Christendom, toen de opzieners der gemeen-
ten nog uit de oudsten werden gekozen, ter aanduiding van
de bisschoppen gebruikt, en zelfs toen de bisschoppelijke
waardigheid zoozeer in macht en aanzien was gestegen, liet
nog menige bisschop zich paus noemen. Sedert Urbanus II,
die in 1088 werd verkozen, wordt door paus uitsluitend de
bisschop van Rome verstaan.
Terwijl Hendrik gedurende zijne laatste regeeringsjaren alles