Boekgegevens
Titel: Kleio: verhalen en schetsen
Deel: Dl. 2 Geschiedenis der Middeleeuwen
Auteur: Kollewijn, A.M.
Uitgave: Amersfoort: A.M. Slothouwer, 1880
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: F 337
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203496
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kleio: verhalen en schetsen
Vorige scan Volgende scanScanned page
.137
waardigheid. Maar al omstraalt ons zooveel luister, wij mis-
sen een helder doorzicht en het geluk lacht ons niet toe.
Hendrik van Saksen, de vijand van ons geslacht, bezit beide.
Neem daarom de kroon en den koningsmantel en breng ze
Hendrik en wees voortaan zijn vriend." Toen Koenraad spoe-
dig daarop was gestorven, deelde Eberhard het bevel van
zijn stervenden broeder aan de Frankische grooten mede. Zij
keurden het goed, dat Eberhard het uitvoerde, en deze
begaf zich daarop naar Hendrik, dien hij volgens de overle-
vering met vinken bezig vond, om welke reden hij den bij-
naam Vogelaar zou hebben gekregen.
Hendrik de Vogelaar toonde zich bereid de Duitsche ko-
ningskroon te aanvaarden. Te Fritzlar werd hij door de Sak-
sische Qp Frankische grooten als koning erkend, en bood de
bisschop van Mainz zich aan, hem te zalven en te kronen.
Dit aanbod wees Hendrik echter van de hand. Hij zeide
tevreden te zijn met de eer tot koning te zijn gekozen en de
kerkelijke zalving en kroning voor waardiger mannen over te
laten, dan hij was.
Nadat de hertogen van Zwaben en Beieren, ofschoon met
tegenzin, Hendrik den Vogelaar als koning hadden erkend,
maakte hij gebruik van de verwarringen, die in Frankrijk
heerschten, om Lotharingen te veroveren en weder bij het
Duitsche rijk te voegen. Maar nauwelijks had hij de eenheid
van Duitschland hersteld, of de gevreesde Magyaren deden
opnieuw een inval. Hendrik gevoelde zich niet legen hen op-
gewassen en trok voor hunne talrijke benden terug. Toch
slaagde hij erin, hen van den Duitschen bodem te verwijderen
door op eene vernuftige wijze gebruik te maken van een
op zich zelf onbeduidend voorval. Bij eene schermutseling
maakten zijne krijgslieden eenige krijgsgevangenen. Onder
hen bevond zich een aanvoerder, die bij de Magyaren zoo
geacht was, dat zij Hendrik terstond een groot losgeld voor
hem lieten aanbieden. Hendrik weigerde het en verklaarde,
dat de gevangene zijne vrijheid niet terug zou krijgen, tenzij