Boekgegevens
Titel: Kleio: verhalen en schetsen
Deel: Dl. 2 Geschiedenis der Middeleeuwen
Auteur: Kollewijn, A.M.
Uitgave: Amersfoort: A.M. Slothouwer, 1880
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: F 337
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203496
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kleio: verhalen en schetsen
Vorige scan Volgende scanScanned page
.117
genoten Karel's eigene tinderen, veertien in getal, ook
onderwas, doch van dezen beleefde Alcuïnus weinig vreugde.
Zelfs onder Karel's dochters waren er, die zich zedelijk min-
der goed gedroegen, dan de Germaansche vrouwen het steeds
gewoon waren geweest. Misschien doelt daarop de sage van
Eginhard en Karel's dochter Emma. Voor deze zou Egin-
hard liefde hebben opgevat. Eens bracht hij haar heimelijk
een bezoek. Toen hij terug wilde keeren, zagen de gelieven
tot hun schrik, dat het gesneeuwd had: want als Eginhard
nu naar zijn vertrek ging, zouden zijne voetstappen zijn be-
zoek aan 't licht brengen. Hierop besloot Emma hem op
haar rug erheen te dragen, dan kon zij, terugkeerende, de
indrukken der voetstappen uitwisschen. Het toeval wilde,
dat Karei, die, als hij niet kon slapen, zich liet voorlezen,
juist voor het venster zat en aanschouwde, wat er gebeurde.
Den volgenden dag liet hij beiden voor zich komen, en stelde
hij zich toornig aan; maar hij eindigde met den gelieven toe
te staan, elkander te huwen. Aangaande de school aan 't hof
wordt medegedeeld, dat Karei er eens een bezoek bracht om
naar de vorderingen der leerlingen te vernemen. Allen, die
goed werkten, plaatste hij aan zijne rechter-, de overigen aan
zijne linkerhand. Nu bleek het, dat de vlijtige leerlingen
voor 't meerendeel zonen van minder aanzienlijke lieden wa-
ren, terwijl de trage bijna allen tot den hoogsten stand be-
hoorden. Den eersten beloofde hij, als zij zoo voortgingen,
voordeelige ambten, den laatsten verzekerde hij, dat zij, on-
danks hunne aanzienlijke geboorte, niets van hem te wachten
hadden, indien zij zich niet verbeterden.
Karei stelde hoogen prijs op wetenschap en kunst, en al
gaf hij zich veel moeite om de klassieke talen te leeren ver-
staan, daarom verwaarloosde hij toch het Germaansch niet.
Hij liet eenige geleerde vrienden eene Germaansche spraak-
kunst vervaardigen en uit den mond des volks vele liederen
opschrijven, die hij zich soms aan het middagmaal of in
slapelooze nachten liet voorlezen. Hij was do eerste vorst.