Boekgegevens
Titel: Kleio: verhalen en schetsen
Deel: Dl. 2 Geschiedenis der Middeleeuwen
Auteur: Kollewijn, A.M.
Uitgave: Amersfoort: A.M. Slothouwer, 1880
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: F 337
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203496
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kleio: verhalen en schetsen
Vorige scan Volgende scanScanned page
.112
die op het altaar géröed lag, zich zeiven op het hoofd te
zetten. Een half jaar na deze plechtigheid stierf Karei. Hij
werd te A.ken in de kerk, die hij zelf had laten bouwen,
begraven.
Maatschappelijke toestanden in het rijk
van Karei den Grooten.
De inkomsten van Karei den Grooten bestonden uit de
opbrengst van de tollen, ws'Tinede de handel werd bezwaard,
en van de boeten, die als straf voor misdaden werden opge-
legd, slsmede uit het aandeel, dat de koning kreeg van de
nalatenschap der vrijgelatenen, die kinderloos stiervlli. Boven-
dien veranderde Karei de geschenken in vee en veldvruchten,
die vroeger vrijwillig ran den aanvoerder of koning werden
aangeboden, in eene jaarlijksche belasting. Was Karei op reis,
dan dwong hij de bewoners van de streek, in welke hij zich
bevond, voor het onderhoud zijner hofhouding te zorgen.
Ook moesten koninklijke ambtenaren, later zelfs legerafdee-
lingen, door de inwoners kosteloos veipleegd worden. Een
ander deel van Karel's inkomen bestond in de opbrengst der
koningshoeven, die door meiers bestuurd werden. Volgens
de voorschriften van Karei moesten de meiers en de onder
hen staande ambtenaren het toezicht houden op het ploegen,
zaaien, oogsten, hooien, den wijnbouw en de bijenteelt, als-
mede op de voor den landbouw onmisbare veeteelt. Zij
moesten dairom zorgen, dat op alle koningshoeven kudden
koeien, varkens, schapen en geiten, benevens poirdenstoeterijen
waren, dat het rasterwerk om weiden en akkers goed onder-
houden werd, en dat steeds het grootst mogelijk aantal
hoenders, ganzen, ja zelfs fazanten, patrijzen, pauwen, tortel-
duiven en ander slechts tot sieraad dienend gevogelte, zooals
eenden en duiven, voorhanden was. Verder was hun opge-
dragen, vruchtboomen, zooals appel-, pere-, mispel-, perzike-.