Boekgegevens
Titel: Kleio: verhalen en schetsen
Deel: Dl. 2 Geschiedenis der Middeleeuwen
Auteur: Kollewijn, A.M.
Uitgave: Amersfoort: A.M. Slothouwer, 1880
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: F 337
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203496
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kleio: verhalen en schetsen
Vorige scan Volgende scanScanned page
nijverheid de welvaart in zijn rijk te vermeerderen. Toen
hij van twee monniken vernam, dat zij als zendelingen in
China waren gekomen en daar zijdewormen hadden gezien ,
haalde hij hen over, op zijne kosten en onder zijne bescher-
ming de reis nog eens te ondernemen, om te trachten zijde-
wormeieren machtig te worden. Na het overwinnen van vele
gevaren gelukte het den monniken in hunne uitgeholde pel-
grimsstaven eieren naar Constantinopel over te brengen. De
zijdeteelt werd nu in Griekenland ingevoerd en van daar in
latere tijden naar Sicilië en Italië overgebracht.
Met het toenemen der welvaart verhoogde Justinianus
voortdurend de belastingen, daar hij veel geld noodig had
voor de vestingwerken en de grootsche gebouwen, die hij
stichtte. Van waar de Sau in den Donau valt tot aan de
Zwarte Zee liet hij eene reeks vestingen maken, om het
land tegen de invallen der roofzieke barbaren te beschutten,
en alleen in zijne residentie en hare voorsteden deed hij vijf
en twintig kerken bouwen, waarvan er eene de beroemde
Sophiakerk is.
Als ijverig orthodox Katholiek vaardigde hij gestrenge wet-
ten uit tegen de heidenen en hief hij de wijsgeerige scholen
te Athene op, omdat zij het Christendom vijandig waren.
Om een einde aan de twisten te maken, die de Christenkerk
verscheurden, liet hij op een concilie, dat in 't jaar 553 te
Constantinopel werd gehouden, eenige bepalingen van een
vroeger concilie van onwaarde verklaren. Zelfs Vigilius, de
bisschop van Eome, die zich met kracht tegen dit besluit
had verzet, was genoodzaakt, zich eraan te onderwerpen, maar
Justinianus bereikte zijn doel niet. Hoezeer hij de haeretieken
vervolgde, de kerkelijke twisten bleven bestaan. Door haere-
tieken verstond men personen, die willekeurig van de vast-
gestelde kerkleer afweken. Sedert de elfde eeuw noemden
zulke personen zich katharen, reinen, uit welk woord het
woord ketter is ontstaan.
Justinianus heeft zich verdienstelijk gemaakt door het Corpus