Boekgegevens
Titel: Kleio: verhalen en schetsen
Deel: Dl. 2 Geschiedenis der Middeleeuwen
Auteur: Kollewijn, A.M.
Uitgave: Amersfoort: A.M. Slothouwer, 1880
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: F 337
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203496
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kleio: verhalen en schetsen
Vorige scan Volgende scanScanned page
95
lijkheid. Bovendien was hun zedeloos leven oorzaak, dat
hunne nakomelingen, die hun voetspoor volgden, meer en
meer naar lichaam en geest verzwakten. Op eene vergadering
van edelen en bisschoppen, die in 614 te Parijs werd ge-
houden, werd onder meer bepaald, dat de hofmeiers, die,
ofschoon de verschillende deelen des rijks onder Chlotarius II
(613—628) weder vereenigd werden, nog drie in getal waren,
één voor Austrië, één voor Neustrië en één voor Bourgon-
dië, voortaan door den adel en de geestelijkheid voor hun
leven gekozen zouden worden. De macht der hofmeiers nam
daardoor vooral na den dood van Dagobert I, den zoon en
opvolger van Chlotarius II, zoozeer toe, dat zij niet alleen
als legeraanvoerders en bestuurders optraden, maar nu en
dan, in strijd met het recht der opvolging, naar willekeur
een Merovinger op den troon plaatsten. De .arbeid der ko-
ningen bestond daarin, dat zij in hun prachtgewaad, met
lang nederhangend hoofdhaar en baard aan de vreemde gezan-
ten de antwoorden gaven, die hun de hofmeiers in den mond
hadden gelegd. Als zij zich naar de jaarlijksche vergadering
op het Maartveld begaven, waren zij in een wagen gezeten,
met twee ossen bespannen, die door een koeherder werden
geleid. Den grootsten tijd des jaars brachten zij op een
landgoed door, waar zij leefden van hetgeen de hofmeiers
hun toestonden, en zich uitsluitend aan laag zingenot over-
gaven. In strijd met de strenge Germaansche zeden hadden
zij drie of meer gemalinnen.
De hofmeiers van Austrië, waar de Franken minder
vermengd raakten met Romeinen en Galliërs, kregen lang-
zamerhand het meeste aanzien. Een hunner, de krachtda-
dige Pepijn van Heristal, wiens grootvader, Pepijn van
Landen, hofmeier onder Dagobert I was geweest, wist aan
de verwarring, die in het Frankische rijk heerschte, een
einde te maken en dwong de Neustriërs, door de overwin-
ning , die hij bij Testri behaalde, hem tot hofmeier van
het gansche rijk .te erkennen. Pepijn van Heristal breidde