Boekgegevens
Titel: De natuurkunde in de volksschool: eene bijdrage tot de methodische behandeling van het eerste onderwijs in de natuurkunde, tevens als leiddraad tot het doen van de eenvoudigste physische proeven
Auteur: Crüger, F.E.J.; Steyn Parvé, Daniel Jan
Uitgave: Leyden: D. du Mortier en Zoon, 1854
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 1136 E 16
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203454
Onderwerp: Natuurkunde: onderwijs, beroepsuitoefening en organisaties van de natuurkunde
Trefwoord: Natuurkunde, Vakdidactiek
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De natuurkunde in de volksschool: eene bijdrage tot de methodische behandeling van het eerste onderwijs in de natuurkunde, tevens als leiddraad tot het doen van de eenvoudigste physische proeven
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 77 — .
cliaam is bijv. een voorbeeld van de wet der zwaartekracht;
als voorbeeld van deze wet valt het met dezelfde snelheid als elk
ander. Een ligchaam is nog veel meer; het strekt ook als een
voorbeeld van de wet, dat alle ligchamen door de lucht gedragen
worden, naar gelang de verhouding tusschen hunne opper-
vlakte en hun gewigt verschillend is; als voorbeeld van deze
wet vallen zij verschillend. Om nu die eerste wet tot ver-
schijnsel te maken, verwijdert men de mogelijkheid, dat het
ligchaam zich als een voorbeeld van de tweede wet kan voor-
doen (men pompt de lucht zooveel mogelijk weg). De proef
mislukt, wanneer het ligchaam zich niet enkel voordoet als
voorbeeld van de eerste wet." De natuur zelve geeft geen
verscliijnsel aldus geïsoleerd; zij verbergt eerder hare onder-
werping aan de wetten voor het oog, dat in het onderzoe-
ken onervaren is, achter de menigvuldigheid en ongelijkvor-
migheid van vele elkander doorkruisende verschijnselen, en
vertoont aan hetzelve zelden een verschijnsel in zijne zuivere
voorwaarden, zonder verstoring van den eenvoudigen gang.
Het natuurkundig onderwijs moet dus op eene reeks van
proeven gegrond zijn. Met regt heet de lagere natuurkunde
proefondervindelijke natuurkunde; met regt is hare methode
dus de proefondervindelijke. De ondervinding leert ook vol-
doende, welke levendigheid daardoor bij het onderwijs ge-
bragt wordt, zoo voor de oogen der leerlingen proeven ge-
daan worden; en hoe zoude daar geen leven zich ontwikke-
len, waar het leven der natuur in zijne menigvuldige vormen
zich nu aan den eenen, dan aan den anderen zin openbaart,
nu den eenen opwekt, dan de werkzaamheid van den anderen
gaande maakt, ten einde waargenomen te worden (1).
(1) Een voorbeeld, hoe dit vereischte in den familiekring kan vervuld
worden, geeft een werkje, dat ongelukkig door zijn te hoogen prijs te weinig
bekend eu gebruikt is: Der physikalische Kinder- und Volksfreund, nach
dem Englischen von H. Gausz , Weimar, 1845, 12», 376 bladz., IJ Thlr.
Dit werkje behandelt de natuurkunde op de volgende wijze. De Heer Seimou»
heeft zijn zoon Tom eene aangename en nuttige vacantie-bezigheid beloofd,
kiest tot onderwerp de eerste beginselen der natuurkunde, en gaat bij zijn
onderwijs uit van proeven cn spelen, die aan de jeugd bekend zijn. Vel is
waar zoude eene goede methodiek zich cr tegen kunnen verklaren, dat de