Boekgegevens
Titel: De natuurkunde in de volksschool: eene bijdrage tot de methodische behandeling van het eerste onderwijs in de natuurkunde, tevens als leiddraad tot het doen van de eenvoudigste physische proeven
Auteur: Crüger, F.E.J.; Steyn Parvé, Daniel Jan
Uitgave: Leyden: D. du Mortier en Zoon, 1854
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 1136 E 16
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203454
Onderwerp: Natuurkunde: onderwijs, beroepsuitoefening en organisaties van de natuurkunde
Trefwoord: Natuurkunde, Vakdidactiek
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De natuurkunde in de volksschool: eene bijdrage tot de methodische behandeling van het eerste onderwijs in de natuurkunde, tevens als leiddraad tot het doen van de eenvoudigste physische proeven
Vorige scan Volgende scanScanned page
vorm en ontvangen er zeiven eenen; zij krijgen bij het door-
dringen van het onderwijs individueel leven, en hervormen dit
weder tot een organisch middel tot beschaving. Vooral ech-
ter bij een vak, dat tot nog toe zoo goed als niet, wat
methode aangaat, besproken en bewerkt is, mag men het
geen vooruitgang noemen, als men met de zamengestelde leer-
stof evenzoo wil handelen als vroeger, namelijk ongeveer
zoo als de Siberische Turken met hunne witte paarden han-
delen, waarvan een reiziger verhaalt (1): „De ongedoopte
Turken erkennen een goed en een kwaad beginsel, en bren-
gen aan beide bijzondere offers; gewoonlijk kiezen zij een
wit paard uit, brengen het op de plaats, waar de gebeden
verrigt worden, nemen het den teugel af en laten het vrij
loopen."
De geschiedenis eener wetenschap is hare methode; althans
verschaft zij de meest bepaalde aanwijzing voor hare metho-
dische behandeling; want juist die factoren, die het meest
hebben bijgedragen tot uitbreiding der wetenschap, moeten
ook voor de vorming der leerlingen de vruchtbaarste blijken
te zijn; op den weg, dien de wetenschap insloeg, om verder
te komen, zullen ook de leerlingen het verst komen en het
meeste voordeel hebben. In dit opzigt is de ontwikkeling
van iedere wetenschap een getrouw beeld van de ontwikke-
ling van de daarmede verwante zijde van den menschelijken
geest, en omgekeerd. Nu is het bekend, hoe de ouden de
natuur langs den weg der bespiegeling trachtten te door-
gronden , en op deze wijze het wezen der zaken te be-
grijpen. Wat zij merkwaardigs kenden uit de wereld der
verschijnselen, hadden zij van hooren zeggen, en zij achtten
dit van zoo weinig belang, dat zij het niet eens der moeite
waard rekenden, de juistheid van deze bij overlevering ver-
nomene zaken door eigen waarneming te bevestigen. Zoo
verhaalt Plinius van (electrische) schokken, die men door
zekere visschen krijgt, als van eene hem door mondelinge
overlevering bekend gewordene merkwaardigheid; en toch had
(1) SCIITSCIIUKIN , die 'Völker Türkischer Zunge im südlichen Sibirien, in
liiiBCilAUS Zeitschrift für Erdkunde, lid. X, 1850, lieft 5, j.. 339.