Boekgegevens
Titel: De natuurkunde in de volksschool: eene bijdrage tot de methodische behandeling van het eerste onderwijs in de natuurkunde, tevens als leiddraad tot het doen van de eenvoudigste physische proeven
Auteur: Crüger, F.E.J.; Steyn Parvé, Daniel Jan
Uitgave: Leyden: D. du Mortier en Zoon, 1854
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 1136 E 16
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203454
Onderwerp: Natuurkunde: onderwijs, beroepsuitoefening en organisaties van de natuurkunde
Trefwoord: Natuurkunde, Vakdidactiek
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De natuurkunde in de volksschool: eene bijdrage tot de methodische behandeling van het eerste onderwijs in de natuurkunde, tevens als leiddraad tot het doen van de eenvoudigste physische proeven
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 64 — .
beschouwd worden, waarin zich de electriciteit bovenmatig
opgehoopt heeft, en van waar zij door eene vonk bij voorkeur
op geleiders overspringt. Daarop volgt dan eene meer vol-
ledige behandeling van den bliksem en den donder, de be-
schouwing van den bliksemafleider, en de aanwijzing van
voorzigtigheidsmaatregelen bij een onweêr.
Galvanisme en electromagnetisme. Terwijl de populaire leer-
boeken bijzonder veel ruimte en tijd aan de wrijvings-elec-
triciteit wijden, wordt het galvanisme zooveel te korter be*
handeld. Bij Poppe komt het nog voor als een wonder-
baarlijk, geheimzinnig wezen, gelijk aan de tooverroede, den
slinger van zwavelkies en de gouden ringen, waarmede men
verborgene schatten aan het licht begeerde te brengen. Over
al deze zaken handelt Poppe dan ook aan het slot van zijn
hoofdstuk over het galvanisme (Deel I, p. 471, 472). En
toch is de opwekking van het galvanisme veel minder raad-
selachtig, dan het ontstaan der luchtelectriciteit, waarvan
ScHÖDLER zegt, dat wij „geene juiste voorstelling hebben,
op welke vnjze vrije electriciteit in verschillende wolken ver-
zameld wordt (1)." De galvanische en electromagnetische ver-
schijnselen zijn doorgaans niet ingewikkelder dan de werkin-
gen der wrijvings - electriciteit; en men moet ze niet uit de
boeken leeren kennen, maar door eigen aanschouwing.
Geheele reeksen van daadzaken, die meestal onder den
(1) Fn. SCHÖDLEH, das Buch der Natur, Aufl., 1848, p. 99. Vcr-
gel. MüLLEtt-PouiLLET, Deel II, p. 643: »Van den oorsprong van de
almospheriHche electriciteit weten wij zoo goed als niets, hoetvel er zeer
veel OTcr dit onderwerp geschreven is. Sommigen meenen, dat de electri-
citeit der onweêrswolken door eene snelle condensatie der waterdampen in
den dampkring ontstaat, en dat de electriciteit dus een gevolg is van de
snelle vorming van digte wolken. Volgens de waarnemingen van PoritLET,
wordt door de verdamping van water, dat nu eens meer, dan eens min-
der vreemde stoffen opgelost houdt, door elke verbranding, ja xelfs door
den plantengroei, electriciteit ontwikkeld; en het is waarschijnlijk, dat al-
thans de verdamping eene bron der atmospherische electriciteit is." Ettinüs^
HAUSEN (Anfangsgründe der Physik, Aufl., Wien, 1845) zegt (p, 396):
» Moeijelijker dan om den aard van den bliksem te leeren kennen, is het,
lich eene verdedigbare voorstelling te maken van de bron, waaruit hij voort-
komt,** — en wijst dan op hetgeen hij verdamping cn verbranding geschiedt.